Home
Podium
Politiek
Religie
Hindoeisme
Islam
Suriname
India
Liefde
Jongeren
Literair
Poezie
Zeepkist
Gastenboek
Links
Disclaimer
Contact
Kritisch Podium DewanandLiterair
WEBpublication EBOOK wart0103 / EPAGE 22 of 32
19. Uit de cel
Offeraar Dewanand
Offercode wart0103
Offerdatum 1 juli 1995
Go to Inhoudsopgave: (SF roman) 'Van Smaak veranderd'
Op een zonnige dag in juni mocht Lisette de isolatiecel
verlaten. De trui was maar half klaar. Mevrouw Heesterin had na lang aandringen
gewonnen. Louise vond ook dat de straf al genoeg was. Lisette was zwijgzamer
en minder fel geworden. Maar Lisette was gewoon verdoofd door de eenzaamheid
in de isolatiecel. Haar geest was duf en weerloos geworden. Zij deed gewoon
alles wat haar opgedragen werd. Bovendien had Lisette vijf kilo's gewicht
verloren. Het droog brood met water in de cel had haar flink afgetakeld.
Het eerste wat Lisette deed was eten toen zij de isolatiecel verliet.
Ook ging zij direct naar bed. De slaap deed haar goed. De volgende dag
lukte het haar niet om tegen acht uur op te staan. Lisette sliep door
tot 12 uur. Toen zij wakker werd voelde zij zich misselijk en zwak. Haar
menstruatie zou die dag komen. Het was immers volle maan.
Die dag moest Lisette naar naailes gaan in de inrichting. Zij zou nu
leren hoe zij kleren moest maken. De naailes beviel haar wel. Het was
immers ook goedkoper om zelf kleren te naaien. Kleren waren immers duur
in de winkel. Lisette leerde snel om te gaan met de geavanceerde naaimachine.
De machine werd gestuurd door een heel snelle microprocessor. De naaimachine
kwam uit Japan. Het apparaat kon 500 verschillende steken maken. Lisette
had ook de mogelijkheid om net zo een naaimachine te krijgen van de inrichting
als zij weer terug ging naar haar kamertje in Den Haag. Maar daarvoor
moest zij het naailesexamen van de inrichting met goed gevolg voltooien.
Lisette deed haar best. Twee weken later had zij vrijwel alle technieken
van het kleren naaien onder de knie.
Lisette moest ook tekenles volgen in de inrichting. Nu had zij immers
een eigen dagprogramma. Mevrouw Heesterin vond dat beter. Het was niet
goed voor Lisette om met de andere patiënten samen naar therapie
te gaan. Het leverde immers alleen problemen en ruzie op. Lisette at zelfs
nu alleen op haar kamertje. Haar leven in de inrichting was nu veranderd.
Op verzoek van mevrouw Heesterin had Lisette nu zelfs een eigen televisie
en een hifi installatie op haar kamer in de inrichting gekregen. Lisette
keek meestal 's avonds naar de televisie. Het muziekkanaal vond zij het
leukst.
Er waren al twee weken verstreken sedert Lisette uit de isolatiecel was
vrijgekomen. Nu was Lisette rustiger. Haar gedachten waren helder en minder
verward. Wel slikte zij iedere week een anti-psychoticum. Het tabletje
maakte haar rustiger en werkte een week lang. Daarnaast moest zij iedere
avond een slaaptabletje innemen. Ook moest zij iedere ochtend na het eten
een vitaminecapsule inslikken. Haar gewicht was hersteld. Nu zag Lisette
er gezond en levenslustig uit. Het leven in de inrichting beviel haar
nu veel beter.
Lisette had zelfs een eigen telefoonlijn gekregen op haar kamer in de
inrichting. Een pieper waarschuwde haar altijd als de telefoon rinkelde
op haar kamer. Maar Joop Mik-mak was de enige die haar opbelde. Haar baas
van het café had haar twee dagen geleden ook eventjes opgebeld.
Hij wilde weten wanneer zij weer kon beginnen met haar werk in zijn café.
Lisette had hem verteld dat zij niet wist wanneer zij zover zou zijn.
Toch vond zij het prettig dat hij haar had gebeld. Zo kreeg zij tenminste
aandacht van iemand.
Het was al begin juli. De zon scheen met verwoede kracht op de lage Nederlandse
bodem. Het weer was aangenaam warm en het regende niet meer zoveel. De
bomen en bloemen waren nu in volle bloei. De maan was helder en fris.
Het leek alsof het leven opnieuw was begonnen. Lisette voelde zich beter
dan ooit. Haar toekomst zag er net als het weer uit. Zonnig en opgewekt.
Die middag mocht zij met Joop uit gaan. Joop kwam precies om één
uur 's middags om Lisette op te halen. Hij was van plan om haar naar het
strand van Scheveningen te brengen. Dan konden zij een strandwandeling
maken. Het was immers zonnig en warm. Lisette vond het heerlijk om mee
te gaan met Joop. Opgewekt en fris nam zij plaats in de mooie auto van
Joop. Samen reden zij naar Scheveningen.
De strandwandeling deed Lisette goed. Bijna zes maanden was zij in de
gesloten inrichting geweest. De koele wind van het strand gaf haar een
goed gevoel. Haar gezicht was rood geworden door de felle zon. Joop was
wel de enige persoon die haar opzocht en steunde. Nu overwoog zij om iets
voor hem terug te doen. Hij had haar verteld dat hij echt verliefd was
op haar. Joop droomde de laatste maanden regelmatig over een goede toekomst
met Lisette. Zijn dromen leken levensecht en hoopgevend. En Lisette leek
nu ook verliefd op hem. Hij had haar een keertje op haar mond gekust.
En zij leek het prettig te vinden. Joop dacht nog steeds dat Lisette een
onschuldig Nederlands meisje was. Hij dacht dat zij nog maagd was en nog
nooit een vriend had gehad. Zo een indruk maakte Lisette ook op hem. Een
maagdelijk meisje was ook de droom van Joop.
Na de strandwandeling was het vijf uur geworden. Joop kocht een broodje
met zalm en een blikje cola voor Lisette. Lisette dronk eerst de cola
helemaal op en begon pas daarna met het brood. Joop vond het wel grappig
dat zij eerst de cola op had gedronken. Hij kocht daarom nog twee blikjes
cola voor haar. Zij dronk een blikje direct helemaal op. Joop lachte om
haar drankzucht. Gelukkig dronk Lisette geen grote hoeveelheden whisky.
Zij was geen vrouwelijke zuiplap.
Het was zes uur toen zij samen het Japanse restaurant binnenstapten aan
het Spui in Den Haag. Lisette was nog nooit in een duur restaurant geweest.
Een Japans restaurant was voor haar een hele belevenis. Zij was benieuwd
naar de smaak van Japans eten. Wel had zij met ongeloofwaardige en grote
ogen gekeken naar de prijzen van de maaltijden in dit chique Japanse restaurant.
Met een dun stemmetje had zij Joop gevraagd of hij de maaltijd echt zou
betalen. Joop had gelachen en haar verteld dat hij zeker tien keer per
maand in een Japans restaurant at. Hij vond de prijzen zelfs laag. Lisette
kon het bijna niet geloven. Een eenvoudige maaltijd kostte al 300 Nederlandse
guldens. Wel begreep zij niet waarom de prijzen ook in Yens waren aangegeven.
Zij wist niet dat de Yen de eerste handelsmunt was geworden van de hele
wereld. Lisette wist niets van economie af.
Het voorgerecht bestond uit Japanse vissoep. Lisette vond het heerlijk.
Zij vond het wel jammer dat het kopje zo klein was. Eigenlijk wilde zij
nog meer vissoep. Maar Joop legde haar uit dat het niet goed was om twee
koppen Japanse vissoep te drinken tijdens een maaltijd. De gerolde rijstballetjes
vond Lisette ook geweldig. Wel vond zij het heel moeilijk om met twee
stokjes te eten. Joop legde haar keer op keer uit hoe het moest. Maar
het lukte haar echt niet. Daarom kreeg zij een lepel en een vork van de
Japanse ober.
De Japanse rauwe vis beviel haar echt niet. De Nederlandse haring lustte
zij ook nooit. De rauwe smaak maakte haar echt goed misselijk. Het deed
haar denken aan de smaak van mannelijk vocht.
De kreeft en de broccoli, die als hoofdgerecht werden opgediend, vond
Lisette verrukkelijk. Wel begreep zij niet waarom alles in aparte schalen
werd opgediend. En de rijstkom was weer veel te klein. Japans eten vond
zij wel een beetje raar. Het was heel anders dan Chinees eten. Ook Afrikaans
eten verschilde sterk van Japans eten. Afrikanen deden veel meer peper
in hun gerechten.
Lisette vond het leuk om te zien hoe de gerechten voor haar ogen werden
klaargemaakt. De Japanse kok lachte heel vriendelijk naar haar. Hij vond
haar rood haar iets wonderbaarlijks. In Japan hadden vrouwen met rood
haar een hogere status. Maar Japanse vrouwen zelf hielden helemaal niet
van rood haar. Soms verfden zij hun haren wel groen of paars. Dat was
de haarmode van de laatste jaren in Japan.
Tegen acht uur was Lisette klaar met de Japanse maaltijd. De warme handdoek
gebruikte zij ook om haar gezicht af te vegen. Joop legde haar uit dat
dat niet mocht. Maar Lisette trok zich niets aan van de rare Japanse regels.
Die Japanners hadden immers wel rare eetgewoonten. Met stokjes eten was
eigenlijk ouderwets en achterlijk. Joop moest lachen om haar mening over
de eetstokjes.
Joop besloot om met Lisette naar de bioscoop te gaan. Samen liepen zij
naar de bioscoop toe. Het was immers niet ver. Maar Lisette vond de filmen
die vertoond werden niet leuk. Daarom besloot Joop om naar de nieuwe Scheveningse
bioscoop te gaan. Dit nieuwe bioscoop was heel groot en splinternieuw.
Er draaiden tien filmen tegelijk. De bezoekers mochten zelfs van film
veranderen tijdens de voorstelling. De prijs van een kaartje was relatief
beschouwd heel laag. Maar dat maakte Joop niet veel uit.
De film over dinosaurussen vond Joop eigenlijk wel goed. Maar hij was
verrast toen Lisette besloot om naar de science fiction film te gaan.
Het was een realistische film over een ruimteoorlog in het aardse zonnestelsel
in het jaar 4000. De film zou over twee minuten beginnen. Daarom moesten
zij snel lopen.
De film heette "The space colonization of earth in the year 4000"
(vert. "De ruimte kolonisatie van de aarde in het jaar 4000").
Het ging over een ruimteoorlog tussen de aardse beschaving en een beschaving
van een ander melkwegstelsel. De aardse speurtocht naar buitenaards leven
had in het jaar 3050 succes gehad. Er was radiokontakt gelegd met een
hogere beschaving in een ver melkwegstelstel. Het was de beschaving van
planeet Suzon. De technologie van de beschaving op Suzon was wel honderd
maal verder dan die van de intelligente aardbewoners. Suzon werd grotendeels
bevolkt door wezens die op de Chinezen van de aarde leken. Er leefde ook
een soort die er heel anders uit zag. Door genetische manipulatie had
men een intelligenter ras ontwikkelt op Suzon. Aanvankelijk leken de bewoners
van Suzon precies op mensen van aarde. Maar de genetische manipulatie
technieken waren al tweeduizend jaar oud op Suzon. Een groep wetenschappers
op Suzon had op een gegeven moment de macht op Suzon overgenomen. En zij
hadden technologie tot de leidende norm gemaakt van de Suzonezen. Daardoor
was het hun gelukt om ettelijke biljoenen chizars, de internationale munteenheid
op planeet Suzon, te investeren in de genetische manipulatie technologie.
Het was hun na tweehonderd jaar gelukt om een nieuw intelligenter ras
te ontwikkelen op Suzon. Via kloontechnieken was het gelukt om het nieuwe
ras te vermenigvuldigen. Het nieuwe ras zag er heel anders uit dan de
oorspronkelijke bewoners van Suzon.
Het nieuwe ras op Suzon had men de Ikodanen genoemd. Een Ikodaan had
vier armen. De meeste Ikodanen hadden vier hoofden. Hun herseninhoud was
per hoofd vier maal groter dan dat van een normaal mens. Doordat een Ikodaan
meerdere hoofden had kon hsij ook meerdere dingen tegelijk doen. Een Ikodaan
kon bijvoorbeeld vier boeken tegelijk lezen als hsij vier hoofden had.
Of hsij kon vier voice-computers tegelijk bedienen. Zulke computers werden
geheel bediend en geprogrammeerd door stemgeluiden. Het was op Suzon ook
mogelijk om een computer direkt vanuit de hersenen te bedienen. Dit werd
met behulp van speciale fijnelektronische neuronische interfaces bewerkstelligt.
Een Ikodaan met vier hoofden kon dan via (vier) neuronische interfaces
vier computers tegelijk bedienen of programmeren. De meeste computers
waren supersnelle lichtcomputers. De Suzonese technologie was echt honderd
maal verder dan de aardse.
In de film werd eerst de ontwikkeling van de Suzonese technologie verkort
getoond. Daarna werd de ontvangst van een aards radiosigaal getoond. Aanvankelijk
geloofden de Suzonezen niet dat er andere intelligente levensvormen bestonden
in hun heelal. Zij hadden bovendien niet erg veel belangstelling voor
interstellaire tochten in ruimteschepen. Maar hun technologie was wel
goed in staat tot ruimtereizen door het heelal. Dankzij hun nieuwste tweehonderd
jaar oude quasar-technologie konden zij een ruimteschip op snelheden van
minimaal honderd maal de lichtsnelheid laten vliegen door het heelal.
En op die manier konden zij binnen enkele decennia een ruimtereis vanuit
planeet Suzon naar de Aarde maken. Er was niet veel onderzoek gedaan op
Suzon naar intelligent leven op andere planeten in het heelal.
Maar de groep wetenschappers die de macht hadden overgenomen op Suzon
had nu haar eigen ondergang bewerkstelligt door de Ikodanen te scheppen.
Een Ikodaan was fysiek zwakker dan een Suzonees, maar hsij was wel 1000
maal intelligenter. De populatie van Ikodanen was in driehonderd jaar
opgelopen tot twee miljard, tien procent van de totale populatie van de
Suzonezen. Er woonden nu ongeveer 20 miljard Suzonezen op Suzon. Planeet
Suzon was ongeveer honderd maal groter dan de aarde. Daarom was Suzon
relatief gezien nog erg dun bevolkt. Maar tweehonderd jaar geleden woonden
er zeker 50 miljard Suzonezen op Suzon. De wetenschappers hadden direct
na hun machtsovername een campagne gehouden om het geboortencijfer flink
te laten dalen. En dat was goed gelukt na tweehonderd jaar. Er waren eerst
plannen om de andere vijftig planeten van planetenstelsel van Suzon te
gaan koloniseren. Maar de wetenschappers vonden dat geen goed idee. Het
zou te veel geld kosten. Het geld wilden zij alleen maar aan wetenschappelijk
onderzoek besteden. De praktijk was voor hun ondergeschikt aan de theorie.
Toen het aardse signaal binnenkwam begonnen de wetenschappers op Suzon
te begrijpen dat er wel intelligent leven op andere planeten voorkwam.
Nu kwam een ander plan bij hen op. De Ikodanen werden immers lastiger
nu. Zij wilden nu de macht op Suzon overnemen. Daarom hadden de wetenschappers
een groot plan ontworpen. Binnen tien jaar moest één van
de drie manen van Suzon bevolkt worden door tenminste 80 % Ikodanen van
Suzon. Hierdoor zou het aantal Ikodanen op Suzon afnemen. Daarna zouden
er quasar-voortstuwers gebouwd worden op de door Ikodanen bevolkte maan.
De maan zou vervolgens gelanceerd worden met behulp van de quasar-voortstuwers.
De bedoeling was dat deze maan naar de aarde zou moeten vliegen. Op deze
manier zou Suzon bevrijd worden van de Ikodanen. De Ikodanen mochten met
de aarde doen wat zij wilden. De Ikodanen die op Suzon zouden achterblijven
zouden grotendeels gesteriliseerd worden. Wel moesten de Ikodanen die
vertrokken naar de aarde hun nieuwe wetenschappelijke kennis met behulp
van cryptische quark signalen om de ene week sturen naar de regeerders
van Suzon.
Na een half uur begon het hoofddeel van de film. Het ruimteschip van
de Ikodanen zou binnen drie uur de aarde bereiken. De Ikodanen hadden
nu een reis van 30 jaar achter de rug. Hun ruimteschip, de maan Hydoon,
had al die tijd op een snelheid van zes miljoen maal de lichtsnelheid
gereisd door het heelal. Al die tijd waren de Ikodanen in een soort cryo-transcendente
staat geweest. Hun hele lichaam was op een temperatuur van 270 graden
Celsius onder nul geweest. Alleen in deze deep-frost staat, nabij het
absolute nulpunt, konden zij de immense snelheid van maan Hydoon overleven.
De quasar-voortstuwers werden gedurende de reis automatisch bestuurd.
De quasar-technologie was tweehonderd jaar geleden ontwikkeld door de
eerste Ikodanen.
De ontdooiingsfase begon net nadat de aankomsttijd van drie uur berekend
was door de boordcomputers. De snelheid van de maan Hydoon begon te verminderen.
Tegelijkertijd werden al de lichamen van de 1,6 miljard Ikodanen ontdooid.
Deze fase in hun reis naar de aarde was de kritiekste fase. De boordcomputers
hadden berekend dat twintig procent van de Ikodanen de ontdooiingsfase
niet zou overleven. Zij zouden eeuwig in de deep-frost fase blijven. Zodra
de boordcomputers hadden ontdekt dat een Ikodaan niet ontdooid kon worden,
werd het deep-frost lichaam direct de lege ruimte in gelanceerd.
Na de ontdooiingsfase waren er maar 1 miljard Ikodanen tot hun volle
bewustzijnsfase gekomen. De prognoses van de boordcomputers waren niet
goed geweest. Een reis van 30 jaar in deep-frost fase was wel nog nooit
uitgevoerd in de praktijk. Daarom was nu 38 % van de Ikodanen op de maan
Hydoon dood verklaard. Het merendeel van de overleden Ikodanen waren van
het geslacht dat kinderen kon baren.
De tot vol bewustzijn gekomen Ikodanen namen nu de besturing van de maan
Hydoon over. Nu had Hydoon al de planeet Venus in het aardse zonnestelsel
bereikt. Volgens planning zou men nu Hydoon in een stationaire baan om
Venus brengen. Daarna zouden ongeveer 1 miljoen Ikodanen via gigantische
ruimteschepen de aarde van nabij gaan bestuderen. Alles werd nu in gereedheid
gebracht om te vertrekken naar de planeet aarde.
Gedurende de reis naar de aarde werden alle ruimteschepen van de Ikodanen
radiografisch onzichtbaar gehouden. Dit werd gedaan door radiografische
absorbers. Deze absorbeerden alle radiografische signalen die het ruimteschip
bereikten. Ook waren er foton-afbuigers in alle ruimteschepen van de Ikodanen.
Een foton-afbuiger was in staat om via een speciaal programma een ruimteschip
geheel visueel onzichtbaar te maken vanuit een bepaalde richting. Vanuit
de aarde kon men hierdoor geen visueel zichtbaar spoor van een groot ruimteschip
waarnemen. Geen enkele aardse telescoop kon dus de vijftig gigantische
ruimteschepen van de Ikodanen waarnemen.
De reis naar de aardse atmosfeer zou een half uur duren. De ontvangers
van de ruimteschepen konden gedurende dit half uur alle radiografische
signalen vanuit de aarde ontvangen. De Ikodanen konden dus alle televisie
en alle andere radiografische uitzendingen van de mensen op aarde afluisteren.
Hierdoor waren alle Ikodanen in staat om de vijf wereldtalen van de aarde
in het jaar 4000 te leren. De Ikodanen leerden dus Japans, Hindi, Chinees,
Duits en Engels te praten in een half uur. Deze vijf talen waren de enige
die overgebleven waren na de grote internationale aardse revolutie in
het jaar 3900. In dat jaar werd via wereldwijde glasvezelverbindingen
op aarde een centraal geleide wereldwijde regering ingesteld. De hele
aarde was toen onder één enkele totalitaire regering geplaatst.
Dankzij de glasvezel verbindingen kon dat gerealiseerd worden. Er woonden
wel slechts twee miljard mensen op aarde in het jaar 4000. De centraal
geleide regering op aarde had namelijk alle kleine onderontwikkelde volkeren,
hoofdzakelijk de Afrikaanse en Amerikaanse, uitgemoord in het jaar 3940.
Daarna had de wereldwijde regering een streng geboortebeleid gevoerd.
In het jaar 3940 waren er twee en een half miljard mensen op aarde. In
het jaar 4000, gedurende de aankomst van de Ikodanen, waren er dus slechts
twee miljard mensen op aarde. Vrijwel 80 procent van alle mensen op aarde
was van het mongoloïde ras. De centrale regering op aarde bestond
vrijwel alleen uit Japanners, twintig Chinezen en een paar Duitsers.
Een grote Japanse basis op Mars was tien jaar geleden geheel verwoest
door een gigantische vulkaanuitbarsting op Mars. Hierdoor was de enige
basis op Mars verloren gegaan. De centrale regering op aarde had naar
aanleiding van de ramp op Mars besloten om alle ruimtevaartprogramma's
stop te zetten. Ruimtevaart vond de centrale regering op aarde veel te
duur en te riskant. De marsbasis had Japan ongeveer 9000 biljoen Yen gekost.
Maar nu was alles verloren. Er waren in 4000 slechts een paar telescopen
die nog actief waren op aarde. Slechts één radiotelescoop
deed onderzoek naar de struktuur en samenstelling van het heelal. De Duitsers
waren de enigen op aarde die protesteerden tegen de radicale beëindiging
van alle ruimtevaart onderzoeken en -programma's van de aardse bewoners.
De Ikodanen hadden met behulp van geavanceerde apparatuur alle databanken
van de aarde gekraakt. Hun oude bèta-technologie van 3100 jaar
geleden maakte dit mogelijk. Eigenlijk vonden de Ikodanen de aardse technologie
nog primitief. Het werd hun duidelijk dat de mensen op aarde in de glasvezel-technologie
waren vast geraakt. Op Suzon had men de glasvezel-technologie al drieduizend
jaar geleden totaal ontwikkeld. De Ikodanen lachten zich krom toen zij
ontdekten dat de mensen op aarde nog steeds in auto's reden die door fossiele
brandstoffen werden aangedreven. De aarde was voor hun een weerloze planeet.
Het contact tussen de leider van de Ikodanen, Tadidaan, en de president
van de aarde, de fiere Japanner Somo Takahashi, verliep heel stroef. De
Ikodanen hadden op een gegeven moment besloten om te zien hoe de intelligentste
aardbewoners op hun aanwezigheid zouden reageren. Het verwonderde Tadidaan
dat Somo Takahashi zo wantrouwig reageerde. Hij had verwacht dat zij hun
als goden zouden aanbidden. Dat deden de primitieve (?) aardse volkeren
van Zuid-Amerika immers in de 15-de eeuw op aarde.
De mensen op aarde waren allemaal verrast toen de Ikodanen zich bekend
maakten. Men geloofde immers niet meer in buitenaardse beschavingen. Alle
wetenschappers op aarde waren benieuwd hoe de technologie van de Ikodanen
eruit zag. Maar de Ikodanen hadden allang begrepen dat de primitieve aardse
kultuur geen hogere technologie aan zou kunnen.
Na overleg met alle andere Ikodanen besloot Tadidaan om het mooiste werelddeel
van de aarde te veroveren. De Ikodanen hadden gekozen voor het aardse
continent Afrika genaamd. Tadidaan deelde zijn beslissing mee aan Somo
Takahashi. Deze maakte duidelijk dat de Ikodanen dit niet mochten doen.
Maar Tadidaan had al alle andere Ikodanen op Venus het bevel gegeven om
ook naar de aarde te komen. Binnen twee dagen hadden de Ikodanen heel
Afrika bezet. Er woonden slechts 300 miljoen Chinezen in Afrika. Allemaal
werden gevangen en gedood door de Ikodanen. Heel Afrika werd toen geïsoleerd
van de rest van de aarde. Het was nu onmogelijk voor de centrale regering
op aarde om de beslissing van de Ikodaanse leider ongedaan te maken. Tien
aardse kernfusiebommen werden door de Ikodanen onderschept en onklaar
gemaakt. Geen enkele aardse geleerde kon verklaren hoe de Ikodanen dat
hadden gedaan. De technologie van de Ikodanen leek zelfs duizenden malen
geavanceerder.
De Ikodanen vonden Afrika heel geschikt omdat het een tropisch continent
was. Zij vonden de woestijnen het lelijkst. De tropische bossen wilden
zij volledig in takt laten. Daarom besloten zij om al hun gebouwen ondergronds
te bouwen. Op Suzon waren immers ook alle grote steden ondergronds. Binnen
twee jaar wilden de Ikodanen alle woestijnen in Afrika ombouwen tot tropische
bossen. De Ikodanen aten ongekookt voedsel. Dankzij hun genetische struktuur
konden zij boombladeren verteren.
De Ikodanen waren in juni van het jaar 4000 al zes maanden in Afrika.
Maar op een gegeven moment overkwam hun iets onverwachts. Een virus van
de aarde had één Ikodaan ziek gemaakt. En het lukte de Ikodaanse
wetenschappers en medici niet om de zieke Ikodaan beter te maken. Het
virus was voor hun onbekend. President Somo Takahashi bood aan om medische
assistentie te verlenen. Maar de Ikodaanse leiders weigerden de hulp.
Zij waren namelijk bang dat de aardbewoners hen zouden bedriegen.
In juli waren al 200 miljoen Ikodanen besmet met het virus. Het was nog
steeds niet gelukt om een geneesmiddel te vinden ertegen. Op Suzon waren
ziekten vrijwel onbekend. De hele planeet werd immers genetisch en biologisch
beheerst.
De Ikodanen waren radeloos toen vijftien miljoen soortgenoten in een
dag stierven. Zoiets hadden zij nog nooit meegemaakt op Suzon. Zij dachten
dat de mensen op aarde schuldig waren.
In augustus verspreidde het virus zich geruisloos. Vrijwel alle Ikodanen
waren nu ermee besmet. Het gevonden vaccin bleek niet te werken. Geen
enkele Ikodaan voelde zich toen nog veilig op aarde. Allemaal vermoedden
ze dat de aardbewoners erachter zaten.
Tien Ikodanen hadden zich sedert het begin van de ziekte teruggetrokken
in ruimteschepen op Mars. Zij wilden niet mee naar de aarde komen. In
september waren zij de enige Ikodanen die niet besmet waren met het virus.
Het duurde wel een tijdje voordat zij het konden geloven. Want een effectief
geneesmiddel tegen het virus was nog steeds niet gevonden.
Op aarde waren de meeste mensen blij met de zieke Ikodaanse bevolking.
Het waren immers dieven. De Ikodanen hadden immers Afrika gestolen van
de aarde. Maar Somo Takahashi vond het eigenlijk niet prettig dat de Ikodanen
hem nog wantrouwden. Hij was immers een man van zijn woord. Hij wilde
vrede sluiten met de Ikodanen. Zo hoopte hij aan nieuwe technologie te
komen. De problemen van de mensheid zouden dan misschien opgelost kunnen
worden.
De meeste Ikodanen geloofden dat een hogere aardse macht tegen hen vocht.
Het virus was op Suzon geheel onbekend. Een bioloog ontdekte dat er meerdere
varianten van het virus actief was bij de zieke Ikodanen. Het virus had
de eigenschap dat het tien maal per etmaal muteerde. Hierdoor was het
onmogelijk om het goed te bestuderen. Hoe kan je immers een net gemuteerd
virus weer herkennen of bestrijden.
In december was de paniek onder de Ikodanen tot ongekende hoogte gestegen.
In november was namelijk 99 procent van alle Ikodanen op aarde overleden
of ernstig ziek. Het virus had een incubatietijd van dertig dagen. Na
dertig dagen pas was het mogelijk om het virus in het lichaam van een
Ikodaan te ontdekken. Het virus nestelde zich namelijk in de hersenen
van een persoon. Ikodanen hadden meerdere hoofden. Daarom kon het zo zijn
dat slechts één hoofd besmet was met het virus. Het was
dus heel moeilijk voor de medici om vast te stellen of een Ikodaan besmet
was.
Op 15 december van het jaar 4000 waren er slechts tien miljoen Ikodanen
nog in leven. De meeste geleerden waren overleden. Hierdoor was het onderzoek
naar de bestrijding van de onbekende ziekte vrijwel geheel beëindigd.
De overgebleven Ikodanen wisten niet goed wat zij moesten doen. Nu was
het nog moeilijker om de ziekte te bedwingen. Eigenlijk was het nu zelfs
nog onmogelijk om een vaccin tegen deze fatale aardse virusziekte te ontwikkelen.
Er waren veel te weinig Ikodaanse wetenschappers en chemici in leven.
Het werd duidelijk voor de Ikodanen dat zij niet tegen onbekende virussen
konden vechten. Er werd een rampenplan gemaakt nadat er nog één
miljoen Ikodanen in leven waren. Maar geen van de overlevenden wist of
hsij besmet was door het onbekende virus.
Eind december van het jaar 4000 zonden de vijf laatste Ikodanen op aarde
een bericht naar de tien Ikodanen op Mars. Alle andere Ikodanen, meer
dan 99%, op aarde waren geveld door het onbekende virus. Het was een echte
ramp voor de Ikodanen. In het bericht verklaarden de laatste vijf Ikodanen
dat zij hun technologie niet aan de aardbewoners zouden afstaan. Zij wilden
niet dat de aardbewoners op een of andere manier over hun technologie
zouden kunnen beschikken. Daarom was besloten om al hun gebouwen en ruimteschepen
op aarde te vernietigen en naar Mars te vertrekken. Zij zouden de aarde
verlaten.
Maar de tien Ikodanen op Mars vonden het maar een gevaarlijk plan. Zij
waren niet besmet. De Ikodanen die van de aarde zouden komen waren misschien
wel besmet. Er was besmettingsgevaar. Daarom zonden zij een bericht terug
dat de vijf laatste Ikodanen op aarde niet welkom waren.
Tadidaan leefde nog steeds. Hij behoorde tot de laatste vijf Ikodanen
die nog niet overleden waren. Tadidaan besloot om toch te vertrekken naar
Mars. De Ikodanen op Mars zouden hem beslist moeten toelaten. Alles werd
gereed gemaakt voor evacuatie.
De ondergrondse gebouwen van de Ikodanen op aarde werden met zware explosieven
geheel vernietigd. Er werden ook zware kernfusiebommen gebruikt bij die
vernietiging. Alle ruimteschepen op aarde werden opgeblazen. Het was nu
onmogelijk voor de mensen op aarde om de technologie van de Ikodanen te
achterhalen. Van radioactief stof en as kun je immers niet veel leren.
De vijf laatste Ikodanen verlieten de aarde in twee grote ruimteschepen.
Binnen drie uur zouden zij aankomen op Mars. Zij wachtten wel met spanning
op de confrontatie met de tien onbesmette Ikodanen daar.
"Keer terug. Anders worden jullie vernietigd!!"
Dit bericht ontvingen Tadidaan en de andere vijf Ikodanen toen zij nog
slechts tien minuten van Mars verwijderd was. De andere vier Ikodanen
keken vol angst naar Tadidaan. Een Ikodaan meende immers altijd wat hsij
zei. Een Ikodaan hield zich altijd aan hsijn woord.
"Ik ben jullie leider. Jullie moeten mij gehoorzamen."
Dit bericht zond Tadidaan naar de tien Ikodanen op Mars. Vol spanning
wachtte hij het antwoord af. De minuten verstreken langzaam, maar zeker.
Nu was het schip van de tien Ikodanen al zichtbaar op het scherm. Wat
zouden zij doen? Dat was de grote vraag.
Een bericht van de sensoren die het schip van de tien Ikodanen in de
gaten hielden, deed het hart van Tadidaan eventjes een nerveuze slag maken.
Hij was duidelijk geschrokken. Zijn ruimteschip had geen defensief schild.
Het had ook geen aanvalswapens van belang. Maar het ruimteschip van de
tien Ikodanen op Mars was een echt oorlogsschip. Het cirkelde nu in een
baan om Mars. Tadidaan had sedert het begin van de reis het schip van
de tien Ikodanen op Mars laten screenen.
De boordcomputer meldde:
"Quasarkanonnen worden geactiveerd. Kracht op maximum gesteld."
Alle vijf Ikodanen wisten wat dat kon betekenen. Tadidaan was ten einde
raad. Wat moest hij nu doen. Normaal gehoorzaamden de tien andere Ikodanen
hem gewillig. Maar nu waren zij van gedachten veranderd. Hadden zij soms
geen respect voor hem meer.
Het hele schip van Tadidaan leek opeens verdwenen te zijn. Tadidaan wist
niet wat er was gebeurd. Hij dacht aan niets meer. Zijn schip en de hele
bemanning was gewoon ontbonden door het quasarkanon. Met een quasarkanon
kon iedere stof ontbonden worden in eenvoudige waterstofatomen. Het ruimteschip
van leider Tadidaan was nu geheel getransformeerd tot waterstofatomen.
Tadidaan leefde niet meer.
De tien Ikodanen op Mars waren nu de enige die nog in leven waren. Zij
vonden het wel erg dat zij hun soortgenoten hadden moeten vermoorden.
Maar dat was de beste keus volgens hun toekomstsimulaties. Het duurde
wel even voordat zij van de schok bekomen waren. Eigenlijk hadden zij
veel zin om alle bewoners van de aarde te vernietigen. Maar op aarde liepen
zij het risico om besmet te worden door het onbekend virus.
"Jullie moeten terug naar Suzon."
Dit had hun boordcomputer berekend. Alle tien Ikodanen keken elkaar angstig
en onzeker aan. Op Mars blijven zou hun immers niets brengen. En op aarde
wachtte het onbekende virus geduldig op hen. Alleen op Suzon waren zij
veilig. Daarom besloten zij om naar Venus te vliegen. Daar wachtte de
maan Hydoon op hun. De quasar-voortstuwers konden zij opladen voor een
retourtje naar Suzon.
"WIJ KOMEN EENS TERUG OM JULLIE PLANEET ECHT TE VEROVEREN EN
JULLIE GEHEEL UIT TE ROEIEN. AARDBEWONERS ONTHOUDT DIT VOORGOED."
Dit hoorden alle mensen op aarde tien minuten lang via alle telecommunicatie-eenheden
die actief waren. Alle radio- en televisiestations zonden dit bericht
ongewild uit. De Ikodanen beschouwden dit als hun laatste boodschap aan
de aardbewoners. Zij hadden de eerste strijd om de aarde verloren.
Zo eindigde de film. De Ikodanen verlieten het zonnestelsel.
"Mooie film", uitte Joop. Lisette zei niets. Science fiction
was toch niet echt haar smaak. Zij vond de film een beetje droog. Er was
geen romantiek of seks in. Met ongeveer tachtig andere toeschouwers verlieten
zij tenslotte de bioscoopzaal. Het was kwart over tien.
Lisette moest eigenlijk al om tien uur terug zijn in haar kamertje in
de inrichting. Pas tegen half elf 's avonds stapte zij echter binnen.
Gelukkig was Louise niet aanwezig. Tevreden stapte Lisette tenslotte in
bed.
***
Go to Inhoudsopgave: (SF roman) 'Van Smaak veranderd'
WEBpublication EBOOK wart0103 / EPAGE 22 of 32
Home
Podium
Politiek
Religie
Hindoeisme
Islam
Suriname
India
Liefde
Jongeren
Literair
Poezie
Zeepkist
Gastenboek
Links
Disclaimer
Contact
Kritisch Podium DewanandLiterair
Alle rechten voorbehouden; All rights reserved
offercode: wart0103
Copyright @ Dewanand 2005
|