Home Podium Politiek Religie Hindoeisme Islam Suriname India Liefde Jongeren
Literair Poezie Zeepkist Gastenboek Links Disclaimer Contact

Kritisch Podium Dewanand

Literair

WEBpublication EBOOK wart0103 / EPAGE 11 of 32

Van Smaak veranderd

8. Mandela

Offeraar       Dewanand
Offercode      wart0103
Offerdatum     1 juli 1995

Go to previous Epage ... Go to next Epage
  • Go to Inhoudsopgave: (SF roman) 'Van Smaak veranderd'
  • Het was stormachtig weer. Zij stond bij een huisje in een weiland. Er stond een tijger in het weiland. Er kwam een gorilla op haar af. Dat beest maakte haar heel bang. Daarom rende zij weg. De gorilla pakte haar beet. Zou hij haar opeten. De angst werd groter. Het beest tilde haar op en scheurde haar kleren af. Nu was zij naakt. Misschien wilde hij haar verkrachten. Het bliksemde. Lisette rilde van angst. Het liefst was zij nu thuis en veilig. Het beest liep naar een put in het weiland. De tijger rende op hun af. De gorilla gooide haar in de put. Tijdens het vallen zag zij de bodem. Er waren glasscherven en scherpe spijkers op de bodem. Zij gilde het uit van angst. Was dit het einde van haar leven? Ging zij nu dood? Het was afschuwelijk.

    Lisette werd met een schok wakker. O, het was maar een droom. Het was een afschuwelijke droom. Zulke dromen had zij nog nooit gehad. De hele week voelde zij zich al niet lekker. Gisteren had zij gemenstrueerd. Het was toen volle maan. Haar buik deed nog steeds pijn. Nu was zij nog bang van de droom. In de droom stond zij op het punt om te sterven. Haar hart bonsde hard. Zij voelde hoe haar hoofd bonsde. Ook ademde zij snel. Het laken was nat. Het bed was koud. Vandaag moest zij beter worden. Zij had veel verdriet. Albert had haar niet meer gebeld. Het was dus uit tussen hun. En zij hield nog steeds van hem. Haar leven was echt een puinhoop. Zo slecht was het nog nooit gegaan met haar.

    Het was acht uur. Nu moest zij opstaan. Vandaag had zij geen zin om naar school te gaan. In haar kamer kon zij immers ook studeren. Snel duwde zij de lakens van haar af en stond op. In de badkamer poetste zij haar tanden. Daarna waste zij haar gezicht. Vervolgens trok zij wat kleren aan in haar kamer. Buiten scheen de zon. Het was mooi weer. Het was warm. De verwarming was niet aan. Het hoefde ook niet. Het was zomer in Nederland. Nu kon zij wat gaan eten. Brood met jam smaakte wel op deze tijd van de dag. Na het eten besloot zij om wat te gaan studeren.

    Het lukte haar niet om haar gedachten bij de stof te houden. Zij dacht teveel aan Albert en wat er allemaal gebeurd was. Het maakte haar nerveus en angstig. Haar gevoelens beïnvloedden haar nu teveel. Zij moest alles eens op een rijtje zetten. Die droom maakte haar ook bang. Zou het echt uitkomen. Dromen waren meestal bedrog. Maar soms kwamen zij uit. Wat moest zij dan doen. Nu wist zij het niet goed meer. Lisette probeerde weer haar gedachten bij het boek te houden. Maar het lukte niet. Kwaad stond zij op en liep naar de koelkast. Een glaasje cola zou misschien helpen. Haastig schonk zij het glas vol. De cola droop over de rand en viel op de grond. Zij was te zenuwachtig. Het glas trilde in haar hand. De hele week al was zij zo nerveus. Rust had zij niet. Het leven was heel moeilijk voor haar.

    De tijd ging deze dag snel voorbij. Het werd snel donker. Snel maakte Lisette wat eten klaar. Er waren nog wat spruitjes, een stukje worst en een paar aardappelen. Dat smaakte wel goed genoeg vandaag. Goed voelde zij zich helemaal niet. Het leek steeds slechter te gaan. Niemand belde haar op. Die ene handelaar in diamanten belde ook niet op. Nu voelde zij zich wel een beetje eenzaam. Kon het leven niet gezelliger worden. Misschien moest zij vandaag uit gaan. Misschien zou het leven dan veranderen. Ja, het was een goed idee. Vandaag zou zij alleen uit gaan. Snel at zij de laatste aardappelen op. Het laatste stukje worst smaakte wel goed.

    Na het avondeten trok zij haar beste kleren aan. Een beetje alleen op pad gaan, zou misschien helpen. Er was een café in de buurt van de Vlamingstraat. Daar was het altijd gezellig druk. Ja, daar kon zij vanavond naartoe gaan. Er kwamen ook veel buitenlandse mannen daar. Zij stapte de deur uit en liep de trap af. Het was aangenaam warm weer. Er liepen een paar mensen langs. Lisette kende hen niet. Haar buren kende zij helemaal niet.

    Tram 3 reed in de buurt van het café. De tram stopte er niet ver vandaan. Zij moest een stukje lopen. Dat lukte snel. Het café was heel druk. Het was immers vrijdagavond. Lisette liep naar de bar en bestelde een glaasje cola, haar lievelingsdrank. Er waren zeker dertig mensen in het café aanwezig. Lisette liep naar een hoek van het café en nam plaats op een stoel die niet bezet was. Om haar heen stonden de mensen druk te praten en te drinken. Er heerste een aangename drukte.

    Zij was nu al een half uur in de bar. Het tweede glas cola was al bijna op. Het was nu al tien uur 's avonds. Het was nu veel drukker in het café. Lisette voelde zich al een beetje beter. Iedereen was onbekend voor haar. Niemand
    sprak met haar. Dat vond zij niet erg. Nu wilde zij even alleen zijn. Dan kon zij rust krijgen.

    Een man liep naar haar toe. Deze man kende zij niet. Wat wilde hij. Hij groette en ging naast Lisette zitten. Er was immers nog een stoel vrij. Hij stelde zich voor. Zijn naam was Mandela. Hij kwam uit Soedan. Zijn Nederlands was gebrekkig. Lisette vond hem wel leuk. Maar wel was zij benieuwd hoe hij het zou aanpakken. Het was wel duidelijk dat hij haar probeerde te versieren. Hij moest het wel goed doen, anders zou zij weg gaan. Nu had zij er nog niet genoeg van.

    Mandela vroeg haar of zij zin had om te dansen. Lisette had daar wel zin in. Maar in dit café was er geen dansgelegenheid. Hoe wilde hij dan dansen? Mandela zei:
    "Komt mee gaan café dancing. Het is even tegen de hoek."

    Lisette had daar wel zin in. Samen stonden zij op en liepen naar het danscafé. Buiten was het aangenaam weer. Het was niet erg koud. Er waaide zelfs een lekkere warme lucht.

    Het danscafé was ook erg druk. Lisette vond het wel leuk om met zo een onbekende te dansen. Zij drukte haar lichaam wat dichter tegen hem aan. Dat deed zij altijd tijdens het dansen. Hij rook niet erg lekker. Maar daar had zij niet erg veel last van. Zijn handen waren om haar middel. Hij streek tijdens het dansen over haar middel en haar heupen. Dat vond zij wel leuk. Weinig mannen deden dit tijdens het dansen. Het wond haar een beetje op. Het liefst zou zij hem willen vragen om door te gaan. Het was prettig. Nu was hij geen onbekende meer.

    Na het vierde liedje hielden zij een pauze. Mandela bestelde een glaasje cola voor haar. Dorstig dronk Lisette het op. Dansen kostte veel energie. Daarom had zij nu dorst. Deze man sprak niet erg veel. Misschien was hij meer een doener dan een denker. Dat vond zij wel leuk aan een man. Een echte man praat immers niet veel. Daden maken de man. Mandela vond zij heel hoffelijk. Hij had heel mooie ogen. Lisette hield van grote zwarte ogen. Zijn wenkbrauwen vond zij romantisch en meeslepend.

    Het was al heel laat. Mandela vroeg haar of zij met hem wilde meegaan naar zijn kamer. Lisette had vandaag niet zoveel zin daarin. Vandaag voelde zij zich niet goed. Aan seks had zij vandaag geen behoefte. Wel vond zij hem heel aantrekkelijk. Daarom antwoordde zij: "Vandaag heb ik geen zin om met jou mee te gaan. Als je wilt kunnen wij elkaar komende zondag weer ontmoeten in dit danscafé. Dan ga ik mee met jou. Vind je het goed?"

    Mandela ging akkoord met haar voorstel. Zondagmiddag zouden zij elkaar weer terug zien in dit café. Hij gaf haar een zoentje en liep weg. Lisette bleef nog even in het café en ging tenslotte weg. Het was een leuke dag geweest.

    Toen Lisette in haar kamer terug was, zag zij een kakkerlak weglopen voor haar voeten. Zij schrok er heel erg van, maar kalmeerde na een tijdje. Tevreden ging zij naar bed.

    Een grote kakkerlak liep langzaam naar haar toe. Het beest was evengroot als haar. Zijn poten waren evengroot als haar benen. Zij was heel erg bang. Haar hele lichaam trilde van angst. Wat zou dit beest nu gaan doen. De kakkerlak keek haar aan. Zij kon de grote ogen zien glinsteren in het maanlicht. De kakkerlak liep steeds sneller naar haar toe. Lisette voelde de voelsprieten aan haar naakte lichaam. Zij schreeuwde het uit van angst. Toen werd zij wakker.

    Het was maar een droom. Haar hele lichaam was bezweet. Zij voelde haar hart snel bonzen in haar borst. Weer zo een nare droom. Het moest maar eens ophouden. Nu had zij er genoeg van. Deze dromen verstoorden haar innerlijke rust. Maar hoe kwam het dat zij zulke dromen kreeg. Gisteravond liep een kakkerlak over haar voet toen zij in de badkamer was. Misschien kwam het daardoor. Ja, dit was de oorzaak van haar droom. Lisette begreep het nu. Morgen zou zij een spuitbus kopen tegen de kakkerlakken in haar kamer. Die beesten maakten haar gewoon gek de laatste dagen. Door het warme weer vermenigvuldigden zij zich veel sneller. Het werd nu te gek. Morgen zou zij echte maatregelen nemen tegen deze kakkerlakken-plaag in haar kamertje.

    Het was al zondag. Lisette besloot om nog wat door te slapen. Op zondag mocht zij immers uitslapen. Zij viel weer in slaap. Buiten kwam de zon langzaam op. Het waaide een beetje. Gisteravond had het flink geregend. De zon verwarmde de buitenlucht. Tegen twaalf uur was het heel erg warm. Lisette werd er wakker van. Door de warmte kon zij niet meer slapen. Daarom stond zij maar op. Na het wassen kleedde zij zich aan en ging daarna wat eten. Het brood smaakte goed. Dit keer deed zij er pindakaas op. Niet te veel, omdat zij anders last kreeg van vetpuisten op haar gezicht.

    Vandaag was het zondag. Wat zou zij vandaag zoal gaan doen. Lisette was het even vergeten. Zij zat na te denken. Afgelopen vrijdagavond had zij iemand ontmoet. Hij wilde haar mee nemen naar zijn kamer. Maar zij had geen zin die avond. Nu herinnerde zij zich het. Vandaag had zij een afspraak met hem in hetzelfde danscafé. In de middag had hij gezegd. Zij wist niet hoe laat. Die man heette Mandela. Hij kwam uit Soedan. Hij had heel lang kroeshaar. Zijn zwarte kleur wond haar die avond op. Het was gezellig om met hem te dansen. Zo meteen moest zij naar dat café toe gaan.

    Lisette trok haar mooiste kleren aan. Daarna zette zij wat rode lippenstift op haar lippen. Haar mooie rode naaldhakken pakte zij uit de kast en trok ze aan. In de spiegel zag zij er heel verleidelijk uit. Zij lachte even naar haar evenbeeld in de spiegel. Haar evenbeeld lachte vriendelijk terug. Het leek alsof zij elkaar pas vandaag hadden gezien.

    Toen zij uit tram drie stapte in de binnenstad van Den Haag wist zij even niet welke kant zij op moest. Zij kende de naam van het danscafé niet goed. Toch moest zij er snel naartoe gaan. Het was al laat in de middag. Hij zat misschien al lang te wachten op haar. Hopelijk was hij niet al weggegaan. Lisette stond even stil. Zij liep naar het eerste café van vrijdag. Daar volgde zij dezelfde weg die zij met Mandela had afgelegd. Zo belandde zij bij het juiste café. Zij ging naar binnen. Het was niet erg druk.

    Lisette keek in het rond toen zij binnen was. Een paar mannen keken haar begerig aan. Maar zij kwam niet voor hen. Mandela was nergens te zien. Misschien was hij er nog niet. Of was hij weggegaan. Het was al laat in de middag. Zij liep naar de bar en bestelde een glaasje cola. Dan maar wat drinken en op hem wachten. Met het glaasje cola in haar handen liep zij langzaam naar een stoel in de hoek. Lisette ging zitten. Vanuit deze plaats kon zij de ingang goed zien. Zodra hij binnenkwam zou zij het zo direct zien. Maar hoelang moest zij nog wachten. Nu verveelde zij zich al.

    Een hand greep haar schouder beet. Zij schrok ervan.
    "Dag Lisette, hoe het gaat? Het is ik."

    O, het was Mandela. Hij was al die tijd in het toilet achter haar. Lisette stond op. Mandela trok haar naar zich toe en gaf haar een oppervlakkige zoen op haar wang.

    Hij zei: "Je ziet mooi uit. Hoe het gaat?"

    Lisette antwoordde: "Het gaat goed. Leuk je weer te zien. Wat gaan wij doen?"

    Mandela sprak nogal gebrekkig Nederlands. Hij was pas twee jaar in Nederland. Hij besloot om direct naar zijn kamer te gaan. Dan konden zij samen wat eten en drinken en nog meer leuke dingen doen. Hij pakte haar hand en samen liepen zij het café uit. Een paar mannen keken hen na. Lisette zag er namelijk heel aantrekkelijk uit.

    Mandela woonde in de buurt van het centraal station. Zijn kamer was niet erg groot. Maar Lisette was gewend aan kleine kamers. Dat vond zij een beetje spannender. Samen stapten zij het kamertje van Mandela binnen.

    "Heb je wat cola voor mij. Ik heb dorst." Lisette lustte wat cola. Het was warm weer.

    Hij bracht een groot glas cola voor haar en ging naast haar zitten. Hij lachte een beetje tegen haar. Eigenlijk had Lisette nu wel zin om met hem te vrijen. Mandela bleek ook zin daarin te hebben. Hij gooide zijn arm om haar middel en trok haar dichter naar zich toe. Lisette vond het allemaal heel spannend.

    Hij trok haar rits los. Haar jurk ging er heel makkelijk uit. Haar beha ging er ook heel makkelijk af. Nu restte alleen nog haar panty en haar slipje. Mandela pakte haar linkerbeen en trok haar ene panty langzaam uit. Daarna trok hij de andere panty er wat sneller uit. Lisette had nu nog alleen maar haar slipje aan. Maar Mandela had zijn kleren nog steeds aan. Hij genoot ervan om haar te ontkleden. Hij pakte haar middel en liet zijn handen langs haar heupen glijden. Haar slipje gleed er langzaam af. Nu was zij naakt.

    Mandela lachte en ging plotseling zitten op de bank. Wat was er nu gebeurd? Lisette begreep er niets meer van. Nu was zij al behoorlijk opgewonden. Zij had wel zin in een flinke vrijpartij. Maar wat ging deze man nou toch doen. Was hij soms impotent? Lisette vroeg hem:
    "Wat doe je nu? Ga door. Ga door. Ik heb zin."

    Mandela keek haar stil aan en verklaarde:
    "Ik het niet met jou kunnen doen."
    "Waarom? Ben je ziek?"
    "Nee, ik niet ziek ben."
    "Wat is er dan mis?"
    "Ik moslim zijn."
    "Ik niet, maar dat maakt toch niets uit."

    Mandela was even stil van haar antwoord en verklaarde langzaam:
    "Ik alleen met besnijden vrouw neuken. Jij begrijpt?"

    Lisette begreep hem helemaal niet. Wat voor vrouw wilde deze gekke man nu hebben.
    "Wat bedoel je Mandela. Wat voor vrouw wil je? Ik begrijp jou niet."

    Mandela stond op en wees naar haar schaamdelen. Hij zei daarbij:
    "Dit van jou. Moet schoon en besneden zijn. Begrijpt jij?"

    Wacht even. Nu begreep zij het. Een besneden vrouw. Mannen werden bij moslims besneden. Dat wist zij. Een jaar geleden had zij met een besneden man gevreeën. Hij deed het uitstekend. Maar deze man wilde een besneden vrouw. Eigenlijk wist Lisette niet goed hoe een vrouw besneden werd. Maar in ieder geval wilde Mandela het met een besneden vrouw doen. Lisette zei: "Ben je soms gek. Ik wil jou. Laten wij het doen. Doe nou niet gek man."

    Mandela keek haar aan en stond op. Hij pakte haar kleren en gooide ze naar haar toe. Zij moest zich aankleden en vertrekken.

    Lisette was geschokt door deze onverwachte wending van deze vrijpartij. Deze man was gestoord. Hij wilde dus een besneden vrouw. Zij geloofde er niks van. Die vent was gewoon impotent. Hij was beslist bang voor haar. In ieder geval zou zij maar doen wat hij nu wilde. Zij trok haar kleren haastig aan en dronk de laatste druppels cola op. Daarna verliet zij de kamer van Mandela. Hij keek naar de grond toen zij vertrok. Hij wist niet wat hij haar nog moest vertellen. Deze vrouw was namelijk nu heel kwaad op hem. Zijn geloof ging echter voor. Hij moest en zou Allah tot in de dood gehoorzamen.

    ***

    Go to previous Epage ... Go to next Epage
  • Go to Inhoudsopgave: (SF roman) 'Van Smaak veranderd'
  • WEBpublication EBOOK wart0103 / EPAGE 11 of 32


    Home Podium Politiek Religie Hindoeisme Islam Suriname India Liefde Jongeren
    Literair Poezie Zeepkist Gastenboek Links Disclaimer Contact

    Kritisch Podium Dewanand

    Literair
    Alle rechten voorbehouden; All rights reserved
    offercode: wart0103
    Copyright @ Dewanand 2005