Home Podium Politiek
Religie Hindoeisme
Islam Suriname India
Liefde Jongeren
Literair Poezie Zeepkist
Gastenboek Links
Disclaimer Contact
Kritisch Podium Dewanand
Literair
WEBpublication EBOOK wart0201 / EPAGE 56 of 87
Uitstervende Nederlanders
SECTIE: 3.0. Heilige theorieen
3.6. Het begrip territorium (incl. onstoffelijk)
Offeraar Dewanand
Offercode wart0201
Offerdatum 6 april 2005
Go to Inhoudsopgave: Uitstervende Nederlanders.
Mein Kampf, deel 2
In dit hoofdstuk wordt het begrip territorium behandeld.
Het begrip zal zoveel mogelijk systematisch en puntsgewijs worden besproken.
Het stoffelijk en het onstoffelijk territorium zullen dus in het hiernavolgende
worden verduidelijkt. Onderschat het belang van een eigen territorium
niet. Het is voor de mens, een bijzonder intelwezen, heel belangrijk.
1. De behoefte aan een eigen territorium van een levend
wezen?
De eerste vraag die nu van belang is in het kader van dit hoofdstuk is
om precies te definiëren wat het hoofdkenmerk is van een levend object.
In ieder object zit er energie opgeslagen. Dus kan nu aan de hand van
het energie-beheersingsysteem van een object exact bepaald worden of het
leeft of niet leeft.
In de thermodynamica wordt het begrip energie uitgebreid
toegepast. Volgens de eerste hoofdwet van de thermodynamica neemt
van ieder object de entropie alleen maar toe. Deze wet wordt direct toegepast
om de richting van energetische processen te achterhalen. De wet kan niet
exact worden afgeleid. Het is ontstaan door ervaringen en vele wetenschappelijke
experimenten. De hele thermodynamica is feitelijk op deze wet gebaseerd.
Oorspronkelijk werd de wet alleen toegepast bij de technische bestudering
van natuurlijke technische systemen. In
normale mensentaal vertelt deze wet dat ieder systeem streeft naar een
toestand van totale chaos. Dus een machine bouwen die zonder een
energiebron kan werken is onmogelijk. De perpetuum mobile zal nooit praktisch
kunnen werken. Er gaat altijd energie in het niets op gedurende een energie-omzettingsproces
in de praktijk. Dit heet energie-dissipatie. Een levend object houdt zich
echter niet aan deze hoofdwet van de thermodynamica. Zo een object streeft
juist naar een lagere entropie waarde. Dit is het fysisch basiskenmerk
van een levend object. De wetenschap kan nog niet exact verklaren hoe
een object getransformeerd kan worden in een levend systeem of in een
levend wezen. Feitelijk is het leven nog een groot raadsel voor de wetenschap
en voor de mens die erover nadenkt.
Met behulp van het bovenstaande kan nu exact bepaald worden wanneer een
stoffelijk object leeft of niet leeft. Door de entropie te bestuderen
kan het levend of niet levend zijn van een object exact bepaald worden;
proefondervindelijk dus. Er zijn heel veel filosofen geweest die geprobeerd
hebben om het doel van een levend wezen te achterhalen. De meest exacte
omschrijving die ik tot nu toe ben tegengekomen komt uit de religieuze
filosofie van L. Ron Hubbard. Hij stelde dat het doel van ieder levend
wezen is om te:
VOORTBESTAAN.
Dit klinkt heel simpel, maar het is een ervaringsfeit.
Vraag jezelf maar af hoeveel strijd er niet gevoerd wordt tussen
levende wezens om dit doel te verwezenlijken. Tijdens de Tweede Wereldoorlog
hebben de geallieerden overhaast een atoombom gebouwd om te kunnen voortbestaan.
Na de Tweede Wereldoorlog hebben de vele volkeren ettelijke biljoenen
of misschien wel triljoenen dollars uitgegeven, alleen maar om te kunnen
voortbestaan.
Het ironische hierbij is dat het voortbestaan van sommige
van deze volkeren nu juist in gevaar is. Hierbij denk ik maar even
aan de gifbelt, waarop de Westerse landen leven. Hun kinderen kunnen niet
meer vrij spelen buiten, doordat soms de speeltuin te veel vervuild is.
Het is heel ironisch om te constateren dat nu juist de meest op voortbestaan
ingestelde volkeren het meest bedreigd worden in hun voortbestaan! Denk
maar aan de demografische tijdbom die tikt onder de West-Europese landen
en Japan. De vergrijzing in deze maatschappijen bedreigd feitelijk hun
gehele voortbestaan. Misschien werkt de
strijd om het voortbestaan juist averechts. Te bewijzen valt dit
niet. Hele maatschappijen zijn op het hoogtepunt van hun bloei geheel
gedesintegreerd en uit elkaar gevallen.
Misschien is de verklaring hiervoor gelegen in het ontbreken
van alle jonge kiemen op een gegeven bloeimoment. Er zijn namelijk
steeds nieuwe zaden nodig om later te kunnen bloeien. De groei van de
vroegere kiemen heeft waarschijnlijk alle energie opgeslokt, waardoor
de latere kiemcellen haast geen energie meer konden bemachtigen om tot
groei en bloei te komen. Groei vereist immers energie en een natuurlijk
territorium. Ieder levend wezen dat in een groeifase verkeert heeft behoefte
aan energie en een territorium. Is een
van deze twee aspecten op, dan eindigt de groei en begint een periode
van verval en afbraak.
Hoogstwaarschijnlijk zijn alle Westerse economieën
en volkeren nu in deze fase beland. Hun economieën krimpen
in evenals hun bevolkingsaantallen. Ook neemt de sociale onrust toe. Vooral
de jonge kiemen zullen zich het heftigst verzetten tegen dit proces van
verval en inkrimping. Dit is logisch. Want juist jonge kiemen zullen de
grootste strijd willen leveren om te kunnen groeien en eens te kunnen
bloeien. Een bewijs hiervan wordt geleverd door de grote rechtse sentimenten
onder de jeugd. Deze rechtse sentimenten zijn vaak alleen maar uit op
het verdedigen van hun territorium. Dit begrip zal in het hiernavolgende
exacter worden uitgelegd. Daar gaat het in dit artikel immers om.
In de tweede wereldoorlog droomde
Adolf Hitler van een onmetelijke "Lebensraum" voor zijn "Arische"
ras en volk. Hij stuurde daarom het grootste deel van zijn
Duitse troepenmacht naar de Oekraïne. Dit werd hem fataal. De Duitse
troepen strandden in de onmetelijke sneeuwvlakten van Siberië en
bereikten totaal uitgeput de grote Russische steden. Daar werden zij tenslotte
in de pan gehakt door het Russische leger. Hitler heeft dus destijds een
grote strategische blunder begaan, door het niet-aanvalsverdrag met het
machtige Russische rijk aan zijn laars te lappen. Toch deed hij dit alles
in het belang van meer territorium. Dit bewijst eens te meer dat ook grote
leiders een grote behoefte hebben aan meer en rijker territorium. Kennelijk
dacht Hitler dat de Oekraïne het beste territorium voor zijn Arische
volk zou kunnen worden. Hij wilde immers de Oekraïne tot de graanschuur
van zijn volk maken. Het lot besliste echter destijds in zijn nadeel.
Hitler onderschatte kennelijk destijds de behoefte van
het Russische volk aan een eigen territorium. Ook was het Russische
volk teveel gehecht aan haar eigen territorium. En juist door deze gehechtheid
was de drang om tot het uiterste te vechten voor het behoud van hun territorium
extra groot. Velen waren terecht opgelucht toen de Duitsers overrompeld
werden na de landing in Normandie op D-day.
De menselijke geschiedenis heeft echter
het kenmerk dat het zich steeds dreigt te herhalen. Volg de loop
van de geschiedschrijving maar. Steeds weer zie je grote oorlogen tussen
"ontwikkelde" volkeren. Vaak draait het allemaal om territorium
en soms om rijkdommen. In dit licht is de strijd van generaal Rommel enkel
en alleen gevoerd om het bezit van wat woestijngrond. Dit was territorium
zonder hoge financiële waarde. Destijds was het immers nog niet bekend
dat er onmetelijke oliereserves onder het woestijnzand lagen. Anders had
Hitler beslist al zijn vitale troepen die richting opgestuurd. Dan zou
de Tweede Wereldoorlog beslist heel anders verlopen zijn. Maar goed dit
is allemaal achteraf gespeculeer. Hitlers droom is (gelukkig?) aan zichzelf
ten onder gegaan. Het kon immers niet anders gaan. Wie slechte doelen
nastreeft zal eens door de slechte middelen en resultaten zelf ten onder
gaan. Dit bewijst de geschiedenis van de mensheid.
Is de mens het intelligentste wezen?
Als je kijkt naar het vermogen van de mens om andere levende
wezens genadeloos te verdelgen, zou je kunnen zeggen, "NEE".
Als je kijkt naar het vermogen van de mens om van vernuftige objecten
gebruik te maken, teneinde te overleven, zou je "JA" kunnen
zeggen. Maar vergeet nooit om in jouw beoordeling eerst het begrip "intelligentste
wezen" goed en exact te definiëren. De mens bezit momenteel
iedere vierkante centimeter van het landoppervlak. Vooral de West-Europese
mens heeft ieder stukje van hsijn territorium in kaart gebracht en geëxploiteerd.
Zij hebben hun territorium het beste benut, uit pure noodzaak, teneinde
te overleven in het barre klimaat aldaar.
Dit bewijst alleen maar dat de mens naargelang de noodzaak
en behoefte strijd levert om het eigen territorium te ontwikkelen.
Dus ook de mens heeft behoefte aan territorium om te kunnen overleven
en om nageslacht voort te brengen. De behoefte aan territorium is dus
op zich geen kenmerk van de mens. De mens heeft als hoofdkenmerk dat hsij
alle beschikbare capaciteiten in kan zetten om optimaal voort te bestaan,
naar eigen inzicht uiteraard. En het is juist dit verschil in inzicht
dat allesbepalend is geweest voor het verschil in gedrag van de diverse
menselijke volkeren. Ook het territorium waarop een levend wezen vertoeft
oefent grote invloed uit op hsijn bewustzijnsniveau. Er is dus een wisselwerking
tussen het territorium en het bewustzijn van het betrokken individu. Hiermee
is het bewijs geleverd dat ook de mens zich in hoge mate laat beïnvloeden
door het territorium waarop hsij zich bevindt of wil bevinden.
Hierom kun je het territorium beschouwen
als een aparte onafhankelijke entiteit, dat op den duur een eigen leven
opbouwt en dus ook wil voortbestaan, net als ieder levend wezen. Het
is wel een begeesterde entiteit, omdat het altijd voortkomt uit de breinen
van (intel)wezens. Ook een leeuw verdedigt met man en macht zijn begeesterde
territorium tegen indringers en andere mannelijke leeuwen. In het hiernavolgende
zal nagegaan worden wat de diepere functie is van het voornamelijk stoffelijke
territorium van en voor een levend wezen. Er wordt vanuit gegaan dat de
mens op bepaalde bewustzijnsniveaus praktisch gezien nauwelijks verschilt
van gewone roofdieren, zoals bijvoorbeeld leeuwen, krokodillen, dinosaurussen
e.d.
Het stoffelijk territorium van
een intelwezen
Ieder wezen heeft behoefte aan een eigen territorium om te kunnen leven.
Een levend wezen heeft behoeften en moet deze van tijd tot tijd bevredigen
om te kunnen leven. Systematisch zal bekeken worden hoe het stoffelijk
territorium van een levend wezen eruit ziet.
1. Allereerst behoort het eigen
stoffelijk lichaam van een wezen tot het meest intieme deel van
het stoffelijk territorium. Het lichaam van een levend wezen kost
de meeste moeite om door te dringen. Het is het meest bedreigend voor
het wezen als een ander wezen of object erin wil doordringen. Het wezen
zal zich er het heftigst tegen verzetten. Want het kan de dood van het
wezen betekenen. Alleen vrouwelijke wezens kunnen onder bepaalde omstandigheden
de mannetjes toestaan om in hun lichaam door te dringen. Dit noemt men
het paringsritueel tussen een mannetje en een vrouwelijk wezen. Het doel
is dan om een nageslacht voort te brengen. Alleen de hoger ontwikkelde
zoogdieren, zoals de mens "paren" soms uitsluitend voor het
genot.
Het levend wezen leeft dus alleen in hsijn lichaam. Alleen
een vrouwelijk wezen is in staat om een ander wezen in haar lichaam toe
te laten voor de voortplanting of om een embryo te laten ontstaan. Dit
maakt het vrouwelijk wezen tot een zeer uniek en een voor de mannetjes
onmisbaar object. In het lichaam vinden allerlei ingewikkelde chemische
processen plaats om het voortbestaan van het wezen te waarborgen. Het
lichaam kan beschouwd worden als de tempel van de ziel (het atma) van
het levend wezen.
Het lichaam heeft voedsel nodig om zichzelf in stand te houden. Dit is
een constante levensbehoefte van het wezen: voedsel. En stoffelijk voedsel
haalt een wezen altijd uit het stoffelijk territorium waarop het zich
bevind. Voor het vergaren van voldoende stoffelijk voedsel kan een wezen
ertoe overgaan om het eigen stoffelijk territorium uit breiden of deze
juist fel tegen indringers te verdedigen. De behoeften van het eigen lichaam
beïnvloeden dus de manier waarop het wezen met hsijn voedselverschaffend
territorium (land, tuin) omgaat. Dit gedrag ontstaat door de behoeften
van het eigen stoffelijk lichaam.
2. De leefomgeving behoort ook tot het
onmisbaar stoffelijk territorium van een levend wezen. De leefomgeving
levert voedsel en onderdak aan het levend wezen. De leefomgeving dient
tevens als verblijfplaats van het nageslacht en van de vrouwtjes in de
harem van de mannetjes. Sommige levende wezens zijn zo gehecht aan hun
leefomgeving, dat zij deze zeer fel verdedigen tegen andere indringers.
Zo is het bekend dat leeuwen de grenzen van hun leefomgeving met urine
afbakenen. Het is wel opvallend dat zij hun territorium het felst zullen
verdedigen tegen indringers van hun eigen soort. Kennelijk kent ieder
levend wezen de capaciteiten van zijn eigen soort het beste en ziet daardoor
de eigen soort als de grootste bedreiging voor het eigen territorium.
Ook bij de mens is het zo dat zij onderling het felst vechten voor hun
eigen leefomgeving. De mens kan door zijn intelligentie bovendien zijn
eigen leefomgeving het beste verdedigen m.b.v. allerlei vernuftige wapens
en strijdtactieken. Zelfs in ons tijdperk vinden er grote oorlogen plaats
tussen mensen om hun leefomgeving (=land) veilig te stellen. Misschien
is de mens het enige levend wezen dat complete oorlogen voert om meer
land dan nodig is te veroveren. Dieren vechten alleen als het nodig
is voor hun primaire behoeftevoorziening. Bij de mens gaat het om macht,
invloed, aanzien, prestige en status. De mens is dankzij zijn intelligentie
tot al deze beweegreden in staat. De mens heeft ook het meeste behoefte
aan een veilige leefomgeving. Zonder zijn intelligente vermogens zou de
mens het zwakste roofdier zijn op deze wereld.
Op microniveau behoort het eigen huis of hol tot de microleefomgeving
van de mens of van het dier respectievelijk. Bij planten gaat het om de
bodeminhoud waarin de wortels verspreid zijn. Op macroniveau praat je
dan over het eigen land, dorp of straat. Dit is afhankelijk van het niveau
van betrokkenheid tot de opgesomde leefomgeving.
De leefomgeving creëert een stoffelijke pijler in
het bewustzijn van een intelwezen. Er ontstaat dan een onstoffelijke
binding tussen het bewustzijn en de betreffende leefomgeving. Hierdoor
zal een intelwezen de leefomgeving gaan beschouwen als iets van zichzelf
in abstracte zin. De gehechtheid van het intelwezen aan de eigen leefomgeving
of aan een stukje landgebied ontstaat niet zomaar. Het is een proces van
vele eeuwen en generaties. Is deze gehechtheid er eenmaal dan is het heel
moeilijk om het te verbreken. Zo zal een echte Nederlander zich zeer gehecht
voelen aan het Nederlandse geografische grondgebied op het Europese vasteland.
Dat gebied zal hsij als zijn leefomgeving zien bij uitstek. Dit territorium
zal hsijn stoffelijk territorium zijn in gedachten. Indringers wordt slechts
de kruimeltjes gegund op de eigen leefgrond.
Het aantal generaties dat de eigen soort
al leeft op een bepaald stukje land bepaald ook in hoge mate de gehechtheid
eraan. Dit is een langzaam proces van vele generaties en het is
ook nog irreversibel. De gehechtheid is het gevolg van een behoefte van
een intelwezen om zich aan iets stoffelijks te binden, teneinde aan levensmiddelen
te komen. Ieder levend wezen haalt liever levensmiddelen uit hsijn eigen
stoffelijk territorium. Levensmiddelen moeten immers betrouwbaar zijn,
want zij gaan in het eigen lichaam, dat tot het meest intiemste deel van
het eigen stoffelijk territorium behoort.
Concluderend kan het volgende gesteld worden:
1. Het lichaam behoort tot het intiemste
deel van een intelwezen. Hierdoor zal een groep
intelwezens zich in hoge mate ook hechten aan hun unieke genetische
structuur. Dit leidt tot genicistische opvattingen en vooroordelen.
2. De leefomgeving creëert ook sterke stoffelijke
pijlers in het bewustzijn van een intelwezen. Dit hangt af van
de geschiedenis en het aantal generaties dat de groep in een bepaald
gebied woont. De mens heeft ettelijke oorlogen gevoerd om land te verkrijgen
om op te leven.
3. Een intelwezen heeft twee belangrijke stoffelijke pijlers in hsijn
bewustzijn o.a.:
Het eigen lichaam, de genen;
De eigen leefomgeving, land, dorp, stamgebied
of eigen huis.
Hiermee moet altijd rekening mee gehouden worden in de omgang met zo
een wezen. Veel conflicten ontstaan, omdat dit aspect van een intelwezen
niet genoeg gerespecteerd wordt.
4. Een vrouwelijk wezen is onmisbaar
voor de mannetjes van de soort. De mannetjes veroveren vaak gebied
om de vrouwtjes te huisvesten en om samen nageslacht te verwekken. Dit
zie je het duidelijkst bij de mens. Alle menselijke oorlogen zijn gevoerd
tussen mannen onderling. Oorlog is feitelijk mannentaal. Dit is natuurlijk
een zo gegroeide situatie. Vrouwen zijn ook tot oorlogvoeren in staat,
ondanks hun fysieke beperkingen. Mannen beschouwen toch vaak de eigen
vrouwen als een deel van hun stoffelijk territorium.
Er kan gesteld worden dat de vrouw ook tot een van de stoffelijke pijlers
behoort van de man. Hierom stichten zij samen een gezin. Veel mannen worden
radeloos en doelloos als zij geen eigen vrouw kunnen vinden voor zichzelf
en hun gezin. Hoe vrouwen het zien is waarschijnlijk hetzelfde, geloof
ik. Vrouwen hebben een natuurlijke diepe behoefte om zich aan een man
te hechten.
5. Materieel bezit
Een andere stoffelijke pijler van het bewustzijn kan materieel bezit zijn.
Denk maar aan de meneer die zijn identiteit en status in de maatschappij
ontleent aan zijn glanzend nieuwe en vooral dure auto. Of denk aan iemand
die hsijn anker in zijn mooie dure villa heeft geworpen. Ook zijn er,
vooral in Nederland, heel veel mensen die hun waarde laten bepalen door
het inkomen, spaargeld of het bezit van een titel van een hogeschool of
universiteit. Dit zijn allemaal stoffelijke pijlers, die op materieel
bezit gebaseerd zijn. De maatschappij en de opvoeding bepalen in hoge
mate de ontwikkeling van deze stoffelijke pijlers in het bewustzijn van
het individu die aan deze betreffende maatschappij gelieerd is. Mensen
hechten zich in hoge mate aan hun bezit. Soms rechtvaardigen zij hen hele
bestaan en voortbestaan zelfs daarmee. Of dit goed is weet ik niet, maar
wel weet ik dat zo een bewustzijn tot gehechtheid aan stoffelijke zaken,
zoals bezit, leidt. Hierdoor ontstaan beperkingen, die op de lange termijn
nadelig kunnen zijn voor de zelfverwerkelijking en voor de bewustzijnsontwikkeling.
Mensen die aan hun bezit gehecht zijn zullen zich ook gedragen en voelen
zoals hun bezit. Bezit kan van de ene
op het op andere moment verdwijnen in het niets door brand, verlies of
diefstal. Precies zo zullen deze mensen zichzelf gaan zien. Zij
kunnen ook plotsklaps verdwijnen of langzaam doodslijten.
Materieel bezit en materiele rijkdom zijn
altijd tijdelijk. Denk maar aan de miljonair die toch als een arme
bedelaar is gestorven, in totale vergetelheid en verdriet. Materieel bezit
als stoffelijke pijler voor het eigen bewustzijn leidt tot innerlijke
leegte en gebondenheid aan de stoffelijke wereld in materiele zin. Het
leidt niet altijd tot een gelukkige en zorgeloze oude dag. Er blijft altijd
een angst dat het materieel bezit verloren zal gaan en daarmee ook het
eigen bewustzijn. Een intelwezen is feitelijk niet geschikt om het eigen
materiele bezit te dienen. Toch erken ik het als een belangrijke stoffelijke
pijler voor het bewustzijn van een intelwezen in een Westerse samenleving.
6. De eigen genen van het DNA (Desoxy
Ribo Nucleïnezuur)
DNA erft een levend wezen van hsijn talrijke voorouders. De structuur
is uiterst complex en nog niet analytisch uitgespit door de specialisten.
DNA bestaat uit een verzameling van vele genen, die ieder apart de vorm
van het stoffelijk uiterlijk van een individu bepalen. Het is dus een
complex geheel. De eigen leefomgeving beïnvloed ook het uiterlijk
van een levend wezen. DNA is iets materieels en kan daarom een stoffelijke
pijler creëren in het bewustzijn van het betreffende wezen. Deze
stoffelijke pijler staat geheel los van die van het eigen lichaam, omdat
deze in hoge mate afhankelijk is van de voorouders en hun voorgeschiedenis.
Daarom behandel ik deze stoffelijke pijler apart. Ik heb dit zelfs in
de sociale werkelijkheid waargenomen bij diverse mensen.
DNA als stoffelijke pijler voor het
bewustzijn leidt m.i. niet automatisch tot racisme of genicisme. Dit
laatste hangt sterk af van het sociale leefmilieu van een menselijk
wezen.
Sommige mensen denken dat zij geheel voortgekomen zijn
uit hun genen, dus uit hun stoffelijke voorouders. Dit kan het
bewustzijn ontzettend sterk beïnvloeden. Dus het DNA kan een heel
sterke stoffelijke pijler veroorzaken in het eigen bewustzijn. Soms is
zelfs het gehele zelfbeeld of de eigen identiteit op deze DNA-pijler gebaseerd.
Het is heel opvallend dat mensen
soms hun waarde of zelfrespect geheel laten afhangen van de prestaties
van (vroegere) wezens met dezelfde genetische structuur. Zulke
mensen verkrijgen zo kunstmatig meer zelfvertrouwen en geloof in eigen
kunnen. Zo zie je nu duidelijk hoeveel invloed deze stoffelijke DNA-pijler
kan hebben op het potentiële bewustzijnsniveau van een mens of intelwezen.
Deze pijler is sterk tijdsafhankelijk, omdat het feitelijk geheel gevormd
is, in materiele zin, door de voorgeschiedenis van de eigen voorouders.
Historische kennis is dus vaak noodzakelijk om de DNA-pijler te activeren
en te laten groeien in het bewustzijn van een intelwezen. Vaak zijn mensen
heel trots op hun genen. Houden van jezelf is immers een goede start voor
je eigen ontwikkeling.
7. De genderorganen kunnen ook een stoffelijke
pijler creëren in het bewustzijn van een mens of een intelwezen.
De genderorganen zijn de stoffelijke organen of lichaamsdelen die
de gender-identiteit bewust bepalen. Ik erken ook kunstmatige genderorganen
hierbij. Dit zijn materiele objecten die het individu gebruikt bij de
vaststelling of benadrukking van hsijn gender-identiteit.
De genderorganen van een menselijke man (jongen) zijn
bijvoorbeeld: testikels, penis, zaadcellen, spierballen, baard, snor,
borstharen, sterke lichaamsbeharing, kort haar, eeltige handen, dikke
wenkbrauwen, adamsappel, lichaamsgeur, stembanden die zware geluiden voortbrengen,
brede schouders, enz. Een homoseksuele man (jongen) heeft bovendien
vaak zijn rectum als belangrijkste genderorgaan in zijn bewustzijn.
De genderorganen van een menselijke vrouw (meisje)
zijn bijvoorbeeld: borsten, schaamlippen, clitoris, vagina,
baarmoeder, eierstokken, eicellen, venusheuvel, schaamhaar, zachte dunne
lippen, lange nagels, dunne oogwimpers, mooie benen, stembanden die hoge
geluiden voortbrengen, lange haren, maagdenvlies,
enz.
Er zijn ook kunstmatige genderorganen. De kunstmatige
genderorganen van een vrouw (meisje) zijn bijvoorbeeld: panty's, jarretels,
bh., nagellak, lippenstift, oorbellen, oogschaduw, parfum, juwelen, naaldhakken,
(korte) rokken, jurken, sari's, enz. De kunstmatige genderorganen van
een man zijn bijvoorbeeld: driedelige pakken, lange dassen, aftershaves,
speciale tatoeages, enz. Mannen hebben minder kunstmatige
genderorganen dan vrouwen. Bijzondere kunstmatige genderorganen
bestaan ook. Enkele zijn bijvoorbeeld: tatoeages, body piercings (v.b.
ringen in de geslachtsdelen), kledingstijlen, enz. De kunstmatige genderorganen
kunnen een grotere rol spelen, omdat zij bewust aangebracht zijn. Het
individu is er dan sterker bij betrokken. Ook vallen kunstmatige genderorganen
meer op bij anderen gedurende de communicatie.
Opgemerkt dient te worden dat de actuele
volksopinie in hoge mate de (kunstmatige) genderorganen bepaalt, alsook
het bijbehorend gedrag. Ieder volk heeft dus zijn eigen opvatting
over de (kunstmatige) genderorganen ontwikkeld of aangeleerd. De (kunstmatige)
genderorganen kunnen ontzettend veel invloed uitoefenen op het bewustzijn
van het betreffende intelwezen. Zij zijn dus een heel belangrijk aspect
van het stoffelijk territorium van een individu of zelfs een hele groep.
8. De kunstschatten van
de groep behoren tot het stoffelijk territorium van de groep. De
schilderijen van Rembrand behoren bijvoorbeeld tot de meest favoriete
kunstschatten van de Nederlanders.
Indringers in het stoffelijk
territorium
Ieder wezen verdedigt hsijn stoffelijk territorium tegen
indringers. Hoe intelligenter het wezen is hoe effectiever en dodelijker
de verdediging is. De mens kan er zelfs toe overgaan om indringers geheel
te doden na deze overmeesterd te hebben. Kijk maar naar
al de oorlogen die de menselijke soort niet gevoerd heeft met als ultieme
doel het territorium zuiver, veilig en "rein" te houden om de
eigen soort te laten voortbestaan. In dit laatste zit tevens de oorzaak
van de eliminatie verborgen. Het is een natuurlijke reactie van
een levend wezen om hsijn territorium te beschermen tegen indringers.
Alleen de mens is in staat om via bepaalde vredelievende
en humane bewustzijnsniveaus indringers toe te laten op hsijn stoffelijk
territorium. Dit blijkt uit de immense getolereerde immigratiestromen
van de afgelopen decennia in Nederland. Maar als de problemen (economisch)
op het stoffelijk territorium toenemen door economische recessie, werkloosheid
of politieke omslagen naar rechts, dan neemt de bereidheid lineair danwel
kwadratisch af om vreemdelingen nog toe te laten of nog steeds te tolereren
op het eigen stoffelijk territorium. Dit laatste proces is momenteel aan
de gang in praktisch heel West-Europa. Het lijkt de voorbode van grote
etnische problemen zonder een ideale oplossing. De
migranten en allochtonen zijn in de ogen van de autochtone Europeanen
nu juist onwelkome indringers geworden. De juiste oplossing zal
zowel complex als doeltreffend moeten zijn. Vele knappe koppen zullen
er jarenlang toegewijd aan moeten werken om escalaties te voorkomen. Ik
ben bereid om aan een oplossing te werken, want het is misschien mijn
roeping.
Het onstoffelijk territorium
van een intelwezen
In de voorgaande teksten is het stoffelijk territorium
van een intelwezen toegelicht. Het verschijnsel is echter niet
uitputtend behandeld. Het stoffelijk territorium is makkelijk waarneembaar,
omdat het overwegend gebaseerd is op materiele objecten. De enige oorzaak
voor de aanwezigheid van een stoffelijk territorium ligt nog steeds in
het bewustzijn van een intelwezen. Dit bewustzijn is iets van 100 procent
onstoffelijke aard, dus niet geworteld in het materiele.
Het hoofdkenmerk van een intelwezen is
voornamelijk dat het over een (onstoffelijke) bewustzijnstoestand beschikt
of kan beschikken. Dit bewustzijn is tijdsafhankelijk en ook afhankelijk
van de beschikbare hoeveelheid kennis over het wezen zelf en de leefwereld,
die door de vijf stoffelijke zinnen wordt waargenomen. Het bewustzijn
kan voortbestaan zonder deze zinnen. Nu zal het onstoffelijk territorium
van een intelwezen beschouwd en geanalyseerd worden.
Het onstoffelijke is
al datgene dat niet door de vijf stoffelijke zinnen (tong, oor, neus,
ogen, huid) kan worden waargenomen. Dit maakt duidelijk dat het
onstoffelijke moeilijker is om waargenomen te worden. Vaak is het ook
nog vaag aanwezig in het bewustzijn van een intelwezen. Mensen zijn vaak
geneigd om deze twee zaken door elkaar te halen. Dit kan altijd. Maar
voor een zinvolle (wetenschappelijke) beschouwing dienen beiden strikt
gescheiden en exact gedefinieerd te worden. Vervlechtingen zijn een allerlaatste
stap om tot hogere inzichten te komen in de bewustzijnsniveaus.
Het onstoffelijk territorium is veel omvangrijker
en vele malen complexer dan het stoffelijk territorium. Soms hechten
intelwezens zich heel sterk aan hun onstoffelijk territorium. Dit kan
leiden tot zeer problematische toestanden.
Ieder intelwezen beschikt evenwel over een onstoffelijk territorium.
Dit zal duidelijk worden gemaakt in het hiernavolgende betoog. Niet ieder
intelwezen is zich echter bewust van de beschikking over een onstoffelijk
territorium.
Het onstoffelijk territorium levert vaak de sterkste pijlers
voor het bewustzijn van een intelwezen. Dit komt omdat het onstoffelijke
altijd sterker is dan het stoffelijke. Bovendien is het onstoffelijke
altijd de oorzaak van activiteiten van een intelwezen in de stoffelijke
wereld. Ieder intelwezen heeft een eigen veilig onstoffelijk territorium
nodig om te kunnen overleven of om te kunnen voortbestaan als individu
of in groepsverband. Soms leeft een hele groep intelwezens op een enkel
onstoffelijk territorium, maar toch op verschillende stoffelijke territoria.
Dit zal duidelijk worden in de systematische analyse van het complexe
begrip onstoffelijk territorium.
De opgesomde lijst van het onstoffelijk territorium is
niet uitputtend. Het is zeer omvangrijk en zeer complex. Vele tussenrelaties
en verbanden zijn mogelijk bij een nadere integrale beschouwing. Onderscheid
wordt gemaakt in het onstoffelijk territorium van een individu en van
een groep. Een groep kan soms haar onstoffelijk territorium opleggen aan
een individu. Andersom kan dit ook, maar dan moet het betreffend individu
veel invloed uitoefenen op de groep. Betreden van het onstoffelijk territorium
van een individu of groep leidt tot afweerreacties of zelfs tegenoffensieven.
Zo kan zonder twijfel vastgesteld worden wat tot het onstoffelijk territorium
moet behoren. Scherpe analyse en objectieve waarnemingen zijn vereist.
Tot het onstoffelijk territorium van
een individu behoren o.a.:
1. Het eigen bewustzijn van een individu zelf
2. De eigen taal (ook de neuronische interne gevoelstaal) en de begrippen
die het individu persoonlijk kent
3. De eigen denkwijze
4. De doelen
5. De ambities
6. De inzichten
7. De ideeën
8. Het eigen geweten (evt. t.g.v. begane misdrijven)
9. De eigen genotswereld (seks, erotiek e.d.)
10. De eigen individuele identiteit (historisch of niet)
11. De eigen intelligentie
12. Het eigen wereldbeeld
13. De innerlijke individuele angsten (fobieën, frustraties e.d.)
14. De innerlijke rijkdom en creativiteit
15. De eigen opvoeding
16. De aangeleerde normen en waarden
17. Het eigen geloof (hoofdpijler van een gelovige) of de religie
18. De eigen politieke opvatting (anoniem stemmen)
19. De eigen leefideologie
20. De eigen persoonlijke religieuze opvatting
21. De eigen sociale leefwereld (gezin, vrienden(innen) en kennissen)
22. Het eigen doodsbeeld
23. De eigen kunstuitingen (muziek, dans, film, geschreven teksten, e.d.)
24. Het eigen zelfbeeld
25. De gevoelens, actuele en uit het verleden
26. De problemen en angsten
27. De fantasieën
28. De vergaarde kennis
29. De levenservaring
30. Eventuele complexen (vooroordelen die storende invloeden uitoefenen)
31. Verdriet
32. De prestaties
33. De zelfkennis
34. De hartstochten en liefdesgevoelens
35. De vooroordelen
36. De dromen
37. De trauma's
38. De voorgevoelens
39. Heimwee en nostalgie
40. De verlangens
41. De gehechtheid aan overleden bekenden
42. De frustraties
43. De onstoffelijke behoeften
Doordringen in het onstoffelijke territorium van een
individu is altijd moeizaam en zal leiden tot zeer persoonlijk contact
en diepe inzichten in de persoon zelf. Ga maar zelf na hoe moeilijk
het niet is om tot het geweten van iemand door te dringen.
Voor het individu ontoegankelijke
onstoffelijke pijlers zijn o.a.
- het eigen onderbewustzijn
- de ziel
- verdrongen of vergeten kennis, angsten en ervaringen
De lijst is uiteraard niet uitputtend of compleet. Het onstoffelijk territorium
is steeds in ontwikkeling. Het heeft geen grenzen, als er vanuit menselijk
oogpunt naar gekeken wordt.
Ook een groep mensen heeft een
eigen onstoffelijk territorium. Tot het onstoffelijk territorium van een
groep mensen behoren o.a.:
1. Het groepsbewustzijn
2. Het collectieve groepsgeweten (v.b. jodenmoorden door de West-Europeanen,
de slavernij van de negers en de andere niet-Europese volkeren. Hierbij
moet wel worden vermeld dat niemand in de wereld in gewetensnood verkeert
vanwege de uitroeiing van de cultuur(Odinisme, Keltische cultuur, etc.)
van de Germaanse volkeren in Europa. Dat is m.i. ook moord. De daders
waren de Europese aanhangers van de bijbelse doctrine.)
3. De groepsangsten (v.b. angst van de Hindoestanen om door negers overheerst
en uitgeroeid te worden)
4. De groepspolitiek
5. De groepsintelligentie (al of niet vermeend, v.b. superioriteitsopvatting
(hoge IQ) van het 'blanke' ras als grote groep)
6. Het collectieve geloof of de religie
7. De groepswaarden en normen
8. De groepscultuur of gebruiken
9. Tradities van de groep (v.b. ceremonieën bij begrafenis en huwelijk)
10. Het politiek krachtenveld van de groep (v.b. verzet als allochtoon
in hoge politieke positie wordt benoemd. Dit ziet de groep als verloedering
en gevaar)
11. De groepsideologie
12. Het zelfbeeld van de groep (v.b. superieur of gewoon belangrijk)
13. De samenwerkingsstructuur van de groep
14. De man/vrouw relaties in de groep (sterk afhankelijk van de waarden
en normen. Ook de groepsreligie speelt een grote rol hierbij). Dus de
eigen unieke paarfractal
15. De militaire groepskracht
16. De sociale groepsinvloed
17. De filosofie van de groep
18. De groepskennis, kunde en vaardigheden
19. De eigen unieke communicatietaal met alle accenten, (ook dialecten,
streektaal) en woorden
20. Het groepsgedrag
21. Het toekomstbeeld en de verwachtingen
22. De vooroordelen van de groep
23. Het collectief hypnotisch bewustzijn
24. De groepstechnologie (i.h.b. de wapentechnologie)
25. De mentaliteit van de groep
26. De kunstuitingen van de groep (Rembrand bij de Nederlanders)
Een nadere uitleg van het onstoffelijk territorium is
natuurlijk nodig. Hieronder worden enkele pijlers behandelt en nader toegelicht.
De communicatietaal van een groep.
Naarmate de behoefte aan samenwerking toenam, ontstond de behoefte aan
een communicatietaal in de groep. Hierdoor konden gevoelens en begrippen
gemakkelijker overgedragen worden. Hoewel voor de verbale taal de oren,
de mond en de stembanden worden gebruikt is het niet zo dat taal voortgebracht
wordt door de stoffelijke zintuigen. De stoffelijke wereld is slechts
het medium waarin een groep met elkaar onderling communiceert. De intelligentie
en de hersenen bepalen feitelijk de betekenis en inhoud van de klankstoten
die de stoffelijke zinnen voortbrengen. Taal maakt de mens zeer uniek
ten opzichte van de dieren en de planten. De laatstgenoemden hebben echter
ook een communicatietaal die echter op een ander niveau ligt dan de menselijke.
Er zijn vele volkeren die hun identiteit in hoge mate
ontlenen aan de eigen unieke taalstructuur. Sommige volkeren willen
niet graag hun taal aan andere mensen leren. Hun taal behoort dan tot
een belangrijk onstoffelijk territorium van henzelf. Via de taal van een
volk kan men doordringen tot de gevoels- en gedachtewereld van het volk.
Dit kan voor- en nadelen met zich meebrengen. Bovendien creëert ieder
volk een eigen set van accenten en betekenissen van bepaalde woorden in
de gehanteerde (streek)taal. Zo onderscheiden zij zich dan van de andere
taalgenoten. Zo spreekt men in Nederland van een Haags, Amsterdams of
Limburgs accent, hoewel het dezelfde taal betreft. Het gaat namelijk steeds
om het Nederlands.
Sommige volkeren gebruiken hun eigen
taal om intieme en persoonlijke of gevoelsmatige onderwerpen te bespreken.
Hun taal is dan een soort vertrouwensmedium geworden. In het bijzijn van
leden van andere taalgroepen bespreken zij intieme onderwerpen alleen
in de eigen taal. De eigen taal dient dan ter versterking en ondersteuning
van de eigen identiteit. Als dit het geval is, zal het ook moeilijk zijn
om de taal van zo een volk te leren. Vaak weigeren de leden van het volk
gewoon botweg om in hun taal met een buitenstaander te communiceren. In
multiculturele samenlevingen komt dit verschijnsel heel sterk voor.
Taal behoort dus tot een heel sterke
pijler van het onstoffelijke territorium van een groep. Accentloos
een taal van een bepaald volk leren praten vereist vaak een hoog niveau
van vertrouwen en acceptatie door het betreffende volk. Dan ben je pas
goed geïntegreerd in het volk. In Nederland eist de regering van
migranten en buitenlanders dat zij het Nederlands leren om te kunnen integreren
in de Nederlandse samenleving. Dit kan leiden tot vernietiging of aantasting
van de Nederlandse taal als onstoffelijke pijler voor het autochtone Nederlandse
volk.
Het politiek krachtenveld van een groep
behoort ook tot het onstoffelijk territorium van de groep. Politiek
bepaalt in hoge mate hoe de schaarse middelen van bestaan zullen worden
aangewend voor het welzijn en de welvaart van het eigen volk. In een democratie
zullen daarom de kiezers alleen stemmen op politici die voor honderd procent
vertrouwd worden. Indien er politici uit andere volkeren in de politieke
arena verschijnen, dan zullen de autochtone volksgenoten dit met groot
argwaan en wantrouwen aanschouwen. Vreemde
politici of sympathisanten zullen dus nooit veel aanhang of steun kunnen
verkrijgen. Ieder volk wil namelijk haar toekomst veilig stellen.
Ieder volk zal haar eigen politiek krachtenveld zeer fel en agressief
verdedigen tegen "infiltratie" door migranten en andere vreemdelingen.
De laatste jaren is deze reactie aangetoond door de grotere populariteit
van de rechts georiënteerde politieke partijen in Nederland. Ook
politici die rechtse (oer)kreten uitstoten zijn de laatste jaren ontzettend
populair geworden.
De paarfractal.
De paarfractal is een nieuw begrip. Het
is feitelijk de communicatieprotocol tussen een man en een vrouw. Ieder
volk heeft een eigen unieke paarfractal. De paarfractal is afhankelijk
van o.a.: de tradities, de cultuur, de geloofsovertuiging of de religie,
de geschiedenis van het volk, het kennisniveau, de technologie (pil, vibrator,
spiraal, condoom, etc.), de verwachtingen t.a.v. de relatie, de seksuele
fantasieën, het baltsgedrag, de positie van de vrouw of de man, de
gezinsgrootte en de mate van verliefdheid. Door
de paarfractal is het mogelijk dat een man en een vrouw een gezin kunnen
stichten. Hierom kan de paarfractal worden gezien als de voorwaarde
voor gezinsvorming. Als er in een huwelijk kinderen worden geboren, verandert
de sociale structuur van het gezin. Maar de paarfractal blijft min of
meer constant. Hierdoor blijft de band tussen de man en de vrouw grotendeels
intact. Ook de communicatie tussen hen is dan gereguleerd. Een ras, volk
of groep is voor haar voortbestaan sterk afhankelijk van de eigen paarfractal.
Ook dieren hebben een eigen unieke paarfractal. Bij dieren is deze echter
aangeboren en gebaseerd op instincten. Bij mensen wordt de paarfractal
voornamelijk door de cultuur gevormd en erdoor in stand gehouden. Twee
mensen met dezelfde paarfractal kunnen gemakkelijk en probleemloos een
relatie aangaan. Maar als twee mensen uit verschillende culturen
komen, zal ook hun paarfractal sterk verschillen. Dit kan een interculturele
relatie sterk benadelen. De oplossing is dan dat er een nieuwe paarfractal
gevormd moet worden. Of een van de twee moet de paarfractal van de cultuur
van de ander geheel overnemen.
In alle religiën zijn er strenge
regels t.a.v. het samenleven of trouwen van een man en een vrouw.
Dit betekent dat iedere religie een eigen
unieke paarfractal creëert tussen man en vrouw. Hierdoor kunnen
er stabiele gezinnen gevormd worden, hetgeen het voortbestaan van de religie
ten goede komt. Zodra de paarfractal van een volk verandert, zal ook de
aard van de relaties of huwelijken veranderen. Een voorbeeld kan dit illustreren.
In de zestiger jaren kwam bijvoorbeeld de pil op de markt. De
liefdesverwachtingen van veel Nederlandse vrouwen veranderden toen drastisch.
Hierdoor veranderde in tien jaar tijd ook de paarfractal van het
hele Nederlandse volk. Nu zijn de verwachtingen t.a.v. een relatie heel
anders dan tien of twintig jaar geleden. Het is zelfs zo dat er nu veel
meer relatieproblemen zijn. Ook blijkt uit de statistieken dat er momenteel
veel meer echtscheidingen voorkomen dan vroeger. Dit duidt erop dat de
paarfractal van het Nederlandse volk nog niet constant is. De technologische
ontwikkelingen gaan immers nog door.
Het verschil tussen de paarfractal en het gezin is ook
interessant. Een gezin is feitelijk een door de groep ingestelde
samenlevingsvorm tussen een man en een vrouw. Het gezin bepaald in hoge
mate de sociale status en positie. Ook zal vrijwel een ieder het begrip
gezin associëren met tradities en ouderwetse opvattingen. Maar de
paarfractal is iets heel anders. Het is een abstractie van de communicatieprotocol
tussen een man en een vrouw. De paarfractal is een functie van de eerder
genoemde aspecten zoals religie en liefde. Het houdt dus veel meer in
dan een gezin. De paarfractal heeft tijdsafhankelijke variabelen en momentane,
dus tijdsonafhankelijke, variabelen. Liefde is bijvoorbeeld een momentane
variabele. Door liefde kunnen twee mensen
uit verschillende culturen een unieke paarfractal vormen en een gezin,
met kinderen, stichten. Daarom zegt men wel eens dat liefde geen grenzen
kent.
Nu zal ik de paarfractal op een meer theoretisch niveau
verklaren. Ik zal hiertoe een technisch aandoende metafoor aanwenden.
Bij het aanzetten van een elektronisch apparaat ontstaan er inschakelpulsen,
die na enkele seconden uitdoven zodra het apparaat begint te werken. Hetzelfde
gebeurt ook als een elektrische schakelaar ingeschakeld word. In enkele
milliseconden ontstaan er dan zeer hoge piekspanningen en hierdoor een
discontinue en vrij sterke stroom. Alleen vacuümschakelaars vertonen
dit lastig verschijnsel niet. Het moment van het aan- en uitzetten van
een elektrisch apparaat is feitelijk het meest kritische en meest belastende
moment. Hoe vaker zo een apparaat in en uitgeschakeld wordt, hoe korter
de levensduur wordt. Bij het aangaan (of inschakelen) van een liefdesrelatie
ontstaan er in het begin ook sterke inschakelverschijnselen. De aard van
de paarfractal bepaalt dan hoe sterk deze inschakelpulsen zijn. Dus
de paarfractal reguleert het gehele inschakeltraject van een liefdesrelatie
tussen twee mensen, in het bijzonder een man en een vrouw. Iedere
cultuur heeft een eigen paarfractal. Dit betekent dus dat in iedere cultuur
de (elektrische) schakelaar anders is. Enkele praktische voorbeelden.
In Nederland is het nu gebruikelijk
dat men voor het huwelijk naar bed gaat, om te onderzoeken of alles wel
bij elkaar past. Nederlanders willen immers zekerheid, ook
in relaties. Het hele begrip kennismaken houdt nu feitelijk naar bed gaan
in. Maar neem een andere cultuur, zoals de Arabische. Daar is het een
algemeen gebruik dat de man en de vrouw pas na het huwelijk met elkaar
naar bed gaan. Er is in de Arabische cultuur zelfs een eis dat de vrouw
als maagd het huwelijksbootje instapt. Het aantal echtscheidingen in de
Arabische wereld is wonderbaarlijk genoeg veel lager dan in de Nederlandse.
Dat geeft aan dat de paarfractal
van de Arabieren heel anders is dan die van de Nederlanders. En
daardoor zijn de inschakelverschijnselen heel anders. De paarfractal is
dus de elektronische schakelaar van een intieme relatie. Een goede en
stabiele paarfractal is in staat om de hevige innerlijke emoties en impulsen
die ontstaan bij het aangaan van een hartstochtelijke relatie te dempen
en de gehele relatie naderhand te stabiliseren, zodat er een gezin kan
worden opgebouwd. Verliefd worden is namelijk
een heel instabiel en complex verschijnsel. Iemand die verliefd
is op een ander kan heel ver gaan om hsijn doel te bereiken, teneinde
met de ander iets op te bouwen, of gewoon liefde en soms alleen seks te
bedrijven.
Zodra een groep mensen
een eigen cultuur of subcultuur vormt, ontstaat er automatisch een unieke
paarfractal. Nu is het zo dat er ook tussen twee mannen of
twee vrouwen een paarfractal moet bestaan voordat er een vaste relatie
ontstaat. Het duurzaam samenwonen van twee homoseksuele mannen of vrouwen
is dan ook ontstaan nadat er een homocultuur gevormd was in Nederland.
De paarfractal is dus geen aspect van de hetero's alleen. Ook zie je
dat homo's nu officieel willen trouwen. Ook hieruit blijkt dat de paarfractal
van de homo's nu goed gevormd is.
***
Go to Inhoudsopgave: Uitstervende Nederlanders.
Mein Kampf, deel 2
WEBpublication EBOOK wart0201 / EPAGE 56 of 87
Home Podium Politiek
Religie Hindoeisme
Islam Suriname India
Liefde Jongeren
Literair Poezie Zeepkist
Gastenboek Links
Disclaimer Contact
Kritisch Podium Dewanand
Literair
Alle rechten voorbehouden; All rights reserved
Offercode: wart0201
Copyright @ Dewanand 2005
|