| |
Home Podium Politiek
Religie Hindoeisme
Islam Suriname India
Liefde Jongeren
Literair Poezie Zeepkist
Gastenboek Links
Disclaimer Contact
Kritisch Podium Dewanand
Literair
WEBpublication EBOOK wart0201 / EPAGE 27 of 87
Uitstervende Nederlanders
SECTIE: 2.0. Heilige zwartlanders
2.5. Het visioen van arme Kwasi
Offeraar Dewanand
Offercode wart0201
Offerdatum 6 april 2005
Geschreven voor deelname aan Kwakoe Literatuur Prijs van Uitgeverij Vassaluci,
op zaterdag 13 juli 1999.
Go to Inhoudsopgave: Uitstervende Nederlanders.
Mein Kampf, deel 2
De bumper van een haastige auto hapt in de benen van
een hongerige en eenzame zwerver in Rotterdam, terwijl het feest van de
millenniumwisseling in alle hevigheid losbarst. De seconden tikken traag
voorbij, terwijl hij lijdend kruipt naar een beschut plekje langs de weg,
en een glimmende auto op topsnelheid wegrijdt. Een enkele voorbijganger
kijkt even naar de roetzwarte Surinamer, maar wendt hsijn blikken haastig
af, om door te gaan met het heilige afscheidsfeest. Kwasi moet het nu
helemaal zelf uitzoeken en wordt echt liefdeloos behandeld door de kersverse
aardbewoners van de 21ste eeuw.
"Mo Kir A Kaolo Bakra" (*1), mompelt hij herhaaldelijk in zichzelf,
terwijl hij de hevige pijnen in zijn buik en benen negeert. De winterkou
knaagt geduldig aan zijn wonden en zijn hart bonkt als de zwanenzang van
een uitgemergelde mechanische wekker.
Honderdduizend knallen van pagara's (*2) en gegil van duizenden vuurpijlen
kondigen het einde van een legendarisch tijdperk aan, maar Kwasi's gehavende
lichaam hoort en ziet bijna niets meer. Hij opent zijn ogen desondanks
nog één keer, om de hemel van het nieuwe en liefdeloze millennium
te aanschouwen, maar is verbaasd dat er geen lichtflitsen te zien zijn
van chinees vuurwerk. In de verte ontwaart hij een enkel lichtje aan de
duistere hemel, dat snel in omvang toeneemt. Vijf tellen later ziet hij
een tunnel van licht om zijn lichaam heen draaien, en wordt hij opgetild,
als door het stille oog van een orkaan, totdat hij op een wolk van helwit
licht ligt. Langzaam voelt Kwasi hoe zijn hart gescand wordt door een
roodgloeiende lichtstraal en hoe de rest van zijn lichaam zich bevrijdt
van de kille aarde. Hij geeft zich over aan de rust van de oneindige tijdloze
tijd in de geduldige buik van de kosmos en voelt geen pijn, honger, kou,
en eenzaamheid meer. De witte wolk zal hem naar een nieuwe wereld vol
hemelse mogelijkheden brengen.
Kwasi opent langzaam zijn ogen, en ziet snelle lichtflitsen aan de hemel.
Ook hoort hij hoe een heleboel mensen schreeuwen om hem heen. "Waar
ben ik nu en wat is er gebeurd", vraagt hij zichzelf af. Ik was toch
aangereden door een auto. Nu is alles anders om mij heen. Misschien ben
ik wel dood, denkt hij in zichzelf. Maar alles is levensecht en er schijnen
fel gekleurde lichten op hem. Hij krabbelt overeind en kijkt wat beter
om zich heen. Nu staat hij op een verhoogd podium middenin een soort park
en er staan ongeveer tienduizend mensen om hem heen. In de lucht ziet
hij afbeeldingen van hemzelf en er hangen ballonnen in de lucht, waaraan
een soort geluidsboxen hangen. Alles beweegt zo snel om hem heen, dat
hij er haast duizelig van wordt. "Waar ben ik terecht gekomen en
wat is er gebeurd", duizelt door zijn verwarde hoofd.
"Mensen dit is het einde van het concert van Kwasi, volgende maand
geeft hij weer een show en dan zijn jullie allemaal weer van harte welkom",
galmt herhaaldelijk door de lucht. Iedereen om hem heen schreeuwt en klapt,
ten teken van afscheid. Snel kijkt Kwasi om zich heen en ziet dat de massa
in beweging komt, want de show is kennelijk afgelopen. Er klinkt geronk
in de lucht en hij ziet een soort vliegtuig naar het podium toekomen.
Het toestel lijkt te zweven in de lucht en landt daarna soepel op het
platform, waarna het geronk uitdooft. Een deur gaat open en een lange
gekleurde vrouw met groen geverfd haar stapt eruit en kijkt hem met grote
ogen aan. Zij loopt naar hem toe en zegt: "Kwasi jouw concert in
Rotterdam is een succes geworden, hoe voel je je nu?". Eigenlijk
weet hij even niet wat hij moet zeggen, want het lijkt alsof hij op een
andere planeet terecht is gekomen. "Kom mee in de autoheli, dan gaan
wij naar ons hotel", zegt de vrouw. Zij kijkt hem aan en merkt hoe
hij haar verbaasd aangaapt. "Wat is er met jou? Je hebt toch geen
kou gevat?" Hij zegt niets terug, en loopt naar het voertuig. Zij
stappen in en het toestel stijgt automatisch op. "Wie is deze vrouw
eigenlijk", vraagt hij zich tijdens de reis af, terwijl hij in een
comfortabele ligstoel bijkomt.
De reis duurt maar enkele minuten, en het toestel landt op het dak van
een heel hoog gebouw. De vrouw pakt zijn hand beet en trekt hem mee naar
de liften, waarna zij samen een kamertje in het hotel binnen stappen.
Hij zegt niets en wacht af, om te zien wat er zal gebeuren. "Hier
is onze kamer Kwasi, zullen wij wat gaan eten of wil je wat anders doen?",
vraagt zij op een gegeven moment. Nu kan hij haar beter bekijken. Zij
heeft een glad bruin gekleurd gezicht en lang gekruld haar. Haar lichaam
ziet er slank en verleidelijk uit. Eigenlijk lijkt zij als twee druppels
water op zijn droomvrouw, waarbij hij zich realiseert dat dit misschien
een echte droom is. Op een kleine eettafel in het midden van de kamer
prijken enkele potten en pannen. Een indringende geur van vers gebakken
vlees komt zijn neus tegemoet, en hij voelt hoe zijn maag in beweging
komt. Daarom neemt hij plaats aan de tafel, en kijkt zwijgend de onbekende
vrouw aan. Zij lacht, en zegt: "Goed jij wil dus eerst eten, ga je
gang, ik zal uitscheppen voor jou. Ik heb gebraden hertenvlees en sopropo
gekookt, omdat jij daarvan houdt. Terwijl jij eet zal ik mij even omkleden".
De vrouw pakt daarna een groot bord en schept het vol met rijst en de
gerechten uit de twee pannen, en loopt daarna weg. Het eten smaakt heel
goed, want Kwasi heeft al zeker twee weken niets anders gegeten, dan oud
brood uit de vuilnisbakken van Rotterdam. Soms geeft een rijke voorbijganger
hem wel een stukje hamburger en maakt hij dan een feestmaal mee. Maar
dit eten is nu het toppunt van genot. Terwijl hij eet, hoort hij opeens
zijn naam, en het lijkt alsof iemand pal voor hem staat. Op de muur van
de kamer ziet hij een man verschijnen, die hem aankijkt met levensechte
ogen. "Kwasi, kan je volgende week langskomen bij mij, want ik wil
een nieuw contract met jou tekenen", klinkt op een haastige toon.
Sprakeloos kijkt Kwasi naar het scherm en zegt niets, waarop de man antwoordt:
"Hee, ik zie dat je niets zegt, is er iets met je oor?" Kwasi
besluit om iets terug te zeggen en vraagt: "Kan jij mij vertellen
welke dag vandaag is en waar ik nu ben?".
"Wel een rare vraag man, zo ken ik je niet. Het is vandaag 1 mei
van het jaar 2040 en je bent volgens mijn gegevens in Rotterdam. Te veel
gezongen hè. Kan gebeuren", antwoordt de man lachend. Zijn
tanden zien er helder wit uit en zijn witachtige gezicht heeft een goed
verzorgde uitstraling. Maar voor Kwasi wordt het nu eventjes teveel, want
hij beseft dat hij in een andere tijd is, en eigenlijk niet meer weet
wat er precies gebeurd is. Nu, als een wereldberoemde popzanger uit Suriname,
kan hij genieten van alle luxe en pleziertjes van het leven. De man op
het scherm zegt: "Ga je komen volgende week of niet. En roep Shaziza,
want zij regelt toch al jouw contracten met mij".
De vreemde vrouw loopt de kamer in en gaat naast Kwasi zitten. Zij zegt:
"Kwasi zal volgende week naar New York komen met mij, meneer Hubbard,
dan tekenen wij het contract voor tien concerten. Akkoord of niet".
"Goed Shaziza, ik ben blij dat je gekomen bent, want die man van
jou doet zo afwezig vandaag. Wat is er met hem aan de hand", vraagt
de man op het scherm. Shaziza legt uit dat haar man een beetje kou heeft
gevat, en flink vermoeid is door het concert van de afgelopen nacht. Het
scherm flitst uit en Shaziza begint de tafel op te ruimen. "Was het
eten lekker. Weet je dat ik het zelf heb gekookt". "Ja, het
was lekker", antwoordde Kwasi, met de gedachte dat hij liever zijn
rol kan spelen in deze droom en niet teveel kritiek moet uiten op iedereen.
Het is best gezellig en alles ziet er zo mooi uit. Gewoon meedoen, dan
zien wij wel wat er gebeurd, denkt hij en staat op. "Wil je gaan
slapen. De slaapkamer is daar". Haar hand wijst naar de muur tegenover
hem. Hij ziet echter geen deur, maar staat toch op en loopt naar de muur
toe. Er ontstaat opeens een opening in de muur en een mooi bed komt tevoorschijn.
"Wil je niet eerst een ligbad nemen met mij. Het is al vol".
Hij blijft even staan en gaapt haar aan. Samen baden met Shaziza, nou,
dat zal wat worden, denkt Kwasi in zichzelf. "Kom maar mee".
Het water in het grote ligbad is heet en ruikt naar zeewater. Shaziza
ligt naast hem. Zij drukt op een knopje en het bad verandert in een bubbelbad.
Zij lacht en houdt zijn arm vast. Kwasi kan zich nu niet meer inhouden
en pakt haar fijne bruinkleurige borsten vast met zijn handen. "Zo,
je bent dus helemaal niet moe, beestje van mij", zegt zij lachend.
"Ik heb best zin in jou vanavond". Daarna tilt hij haar uit
bad en begint haar lichaam overal te kussen. Het ruikt heerlijk en is
heet door het water. Haar tong proeft haast als honing, en zoiets heeft
hij al jaren niet meer meegemaakt. "Kom wij gaan maar naar bed",
en zij stapt uit de badkuip. Snel drukt Shaziza op een andere knop op
een apparaatje in haar hand en droge, warme lucht stroomt razendsnel door
de badkamer. Binnen enkele minuten zijn zij helemaal droog en fris, waarna
zij naar de slaapkamer gaan.
Het waterbed heeft heerlijke zachte lakens. Kwasi voelt een verlangen
in zich opkomen en grijpt haar direct beet. Zij gedraagt zich als nu als
de ideale huisvrouw en laat hem alles doen waar hij zin in heeft. Zonder
enige terughoudendheid stoot hij zijn mannelijk orgaan diep in haar en
beseft dat hij dit jaren gemist heeft. Zijn hoogtepunt komt snel en hevig,
en daarna zakt hij weg in een diepe slaap, nadat zijn hoofd op haar rustgevende
borsten een veilig standje kon vinden.
Terwijl hij zijn ogen langzaam opent, hoort hij zachte muziek door de
kamer galmen. Hij is even gedesoriënteerd, want eigenlijk moet hij
het geronk van auto's en bromfietsen horen, zoals normaal is voor een
zwerver. In een flits herinnert hij zich alles weer. Nu is hij een wereldberoemde
suripop zanger en heeft zelfs een supervrouw, die al zijn zaken regelt.
Shaziza komt de kamer binnen en vraagt of hij iets wil eten. "Ga
eerst een bad nemen", zegt zij daarna. "Wij gaan zo meteen naar
New York, want je moet een prijsuitreiking bijwonen", legt zij snel
uit. "Over een uur vertrekken wij met een hyperjet; doe dus snel".
Snel staat Kwasi op en gaat zijn tanden poetsen in de badkamer. Alles
ziet er keurig netjes uit en zijn droom wordt steeds mooier. Na het bad,
gaat hij aan tafel zitten voor zijn eerste ontbijt in dromenland. Zij
heeft het brood zelf gebakken, en er is al schimmelkaas op gesmeerd. Daarna
verlaten zij het hotel.
De reis met de hyperjet verloopt vlekkeloos. Het verbaast hem dat de hele
reis slechts een half uurtje duurt en dat het toestel zo groot is. Zoiets
heeft hij nooit meegemaakt in zijn leven. Probleemloos landt de hyperjet
in de luchthaven van New York, waarna zij met een autoheli verder reizen
naar een groot gebouw. Deze stad heeft hij nog nooit gezien, maar alles
om hem heen ziet er echt fantastisch uit. Er vliegen in de lucht een heleboel
autoachtige vliegtuigen, en alles gaat zo snel, dat hij het niet meer
kan volgen. Hij ziet nergens zwervers, en alle mensen op straat dragen
felgekleurde kostuums. Kennelijk is dit de nieuwste mode van New York.
De autoheli staat op een gegeven moment stil en hij ziet een zilverkleurig
gebouw, dat lijkt op een zwevende schotel in de lucht. Hij kijkt er eens
goed naar en beseft dat het hele gebouw inderdaad los hangt in de lucht
en dat er geen palen zijn die het ondersteunen. Hij herinnert zich nu
dat de meeste gebouwen in deze stad er zo uitzien, en dat is voor hem
onbekend en zelfs raadselachtig. "Kom mee naar binnen", zegt
Shaziza tegen hem. "Dit is de eerste keer dat jij hier naar binnen
mag gaan. Je moet er echt trots op zijn, want je hebt heel veel bereikt
tot nu toe. Nu ga je mij toch niet opzij zetten, of wel soms", grapt
zij en pakt zijn hand vast. Gearmd lopen zij het voertuig uit en stappen
het zwevende gebouw in. De gang ziet er mooi uit en de hele muur is versierd
met foto's van sterrenstelsels. Terwijl zij door het smalle gangetje lopen,
lijkt het alsof het gebouw beweegt, waardoor het lijkt alsof zij in de
maag van een wild beest zitten.
Een deur opent zich en zij zien een immense zaal. Er zitten al veel mensen
in en een bode komt aangelopen, die hen begeleid naar een zitplaats. Enkele
tellen later begint de prijsuitreiking. Alle muren van de zaal tonen beelden
van beroemdheden uit de muziek- en filmwereld, en Kwasi ziet vaak zichzelf.
Dat hij nu wereldberoemd is, geeft hem een goed gevoel, want vroeger was
hij immers totaal mislukt. Nu in deze tijd heeft hij het gemaakt en kan
hij voor het eerst trots zijn op zichzelf. Zijn droom is nu werkelijkheid
geworden.
Kwasi is de eerste popster uit de zaal, die een prijs zal ontvangen. Zijn
naam wordt omgeroepen en hij staat op, om naar het podium te lopen. De
president van Amerika schudt zijn hand en geeft hem een klein goudkleurig
kaartje in een doorzichtig pakje. Iedereen klapt daarna enthousiast. Daarna
mag hij terug gaan naar zijn stoel en voelt zich voor het eerst van zijn
leven als de gelukkigste man ter wereld. Shaziza pakt zijn hand en blijft
het vasthouden tot het einde van het festijn.
"Je lijkt niet erg blij te zijn met je prijs", zegt Shaziza
lachend tegen hem. Vragend staart hij haar aan, want eigenlijk verwachtte
hij een beker, en geen plastic kaartje. "Met deze creditcard mogen
wij een maand lang alles kopen en alles doen wat wij willen". Nu
pas beseft Kwasi de waarde van dat kleine kaartje dat hij achteloos in
zijn zak heeft gestopt. "Kom wij gaan nu naar Suriname", blaat
zij enthousiast. "En daarna maken wij direct een wereldreis en gaan
alle grote steden in de wereld bezoeken. Heb je daar geen zin in mijn
popsterretje", grapt zij. Suriname heeft hij zeker dertig jaar niet
meer gezien, en daarom is dit een voortreffelijk voorstel. Zijn beminnelijke
vrouw begrijpt hem. "Suriname, goed, gaan wij met het vliegtuig?".
"Jij bent echt een rare vandaag. Binnen drie minuten kan er een plaatsje
gereserveerd worden in een hyperjet. Die prijs heeft jou helemaal veroverd,
zie ik", uit zij op spottende toon.
Twee uur later staan zij in het centrum van Suriname, en kunnen zij gaan
stappen in Paramaribo. Het eerste wat in zijn gedachten opkomt, is zijn
familie, maar hij beseft onmiddellijk dat zijn band met hen al dertig
jaar geleden verbroken is, en dat hij nu in een andere tijd leeft. Misschien
is zijn hele familie al uitgestorven in Suriname, denkt Kwasi met een
somber voorgevoel.
Samen rijden zij gezellig door de straten van Paramaribo, in een miniauto,
die toch behoorlijk snel is. Kwasi kijkt verbaasd naar de gezonde palmbomen
langs de wegen. De huizen zijn nu groter dan vroeger, en goed onderhouden.
Zijn land is dus behoorlijk vooruit gegaan en er lopen meer mensen op
straat dan vroeger. Ook zien zij er gelukkiger uit en dragen bijna allemaal
een strikje om hun nek. Terwijl hij zo toert door de stad, voelt hij zich
heel erg thuis, in het land van zijn navelstreng.
Op een gegeven moment stopt hun autootje, en Shaziza vraagt haar man
wat hij wil drinken. Samen slenteren zij een restaurant binnen en kopen
enkele gekoelde kokosnoten. Kwasi drinkt het sap met een rietje op en
proeft de ware smaak van thuis. Het jonge vruchtvlees van deze kokosnoten
is een hele belevenis voor zijn verwaarloosde smaakpapillen. Hij voelt
zich een beetje in de wolken en kijkt omhoog naar de hemel. De hemel is
helder blauw en vertoont geen enkel wit stipje. De zuiverheid is haast
onnatuurlijk. Opeens beseft hij dat er iets is veranderd om hem heen en
kijkt angstig om zich heen. Shaziza is nu een schim voor hem en staat
ettelijke kilometers van hem vandaan, en het lijkt alsof een duistere
wolk hem opeens heeft ontvoerd en naar een andere achterhoek van de kosmos
wil brengen. "Nee, ik wil hier blijven in Suriname", schreeuwt
hij opeens, maar het lijkt alsof niemand meer tijd voor hem heeft. "Laat
mij hier, nee, nee,.......".
Hij voelt een zachte deken op zijn ontklede lichaam en brengt zijn handen
instinctief naar zijn gezicht. Terwijl Kwasi zijn ogen opent, ziet hij
een vrouw in helderwitte kleren naar hem staren. Zij glimlacht even koeltjes
naar hem en zegt: "Hallo, hoe heet jij". "Waar ben ik nu",
vraagt hij langzaam, en merkt dat de woorden zijn mond moeizaam verlaten.
"Je bent nu in een ziekenhuis in Rotterdam", antwoordt zij snel
en ongeïnteresseerd. Daarna loopt zij gejaagd weg. "Wacht even,
laat mij niet alleen", uit hij gedachteloos. "Je mag over twee
dagen weg uit dit ziekenhuis, want wij kennen jou naam en adres niet en
willen geen zwervers hier. Of heb je een woonadres, niemand kent jou in
deze stad. De gemeente gaat dit jaar alle zwervers en bedelaars wat geld
geven, omdat de 21ste eeuw al twee weken is begonnen, maar daarna zoeken
jullie het maar zelf uit", zegt de verpleegster op een nogal gevoelloze
toon en verlaat de kamer.
Drie dagen later voelt Kwasi overduidelijk dat hij
terug is in het jaar 2000, en loopt dagelijks al mijmerend door de troosteloze
straten van Rotterdam. Hij wil alle voorbijgangers vertellen over zijn
visioen van de toekomst, en strompelt velen tevergeefs achterna. Sommigen
geven hem uit medelijden wat geld of restjes van een patatje of een
hamburger, maar wie zou ooit zo'n onbelangrijke zwerver serieus nemen.
Iedere nacht zoekt hij nu een warm hoekje in de binnenstad op, en valt
al dromend over zijn glorieuze toekomst in slaap. Langzamerhand ontwikkelt
Kwasi nu het fameuze inzicht dat een zwerver feitelijk de droom als
grootste rijkdom heeft, en niets heeft aan de realiteit van het menselijk
bestaan. Deze gedachte is nog steeds zijn enige troost en zijn laatste
hoop in Nederland.
Noten:
*1: vrij vertaald "Ik ga die vervloekte Hollander
doodmaken"
*2: gevlochten streng rotjes, met veel grote knallers
erin.
***
Go to Inhoudsopgave: Uitstervende Nederlanders.
Mein Kampf, deel 2
WEBpublication EBOOK wart0201 / EPAGE 27 of 87
Home Podium Politiek
Religie Hindoeisme
Islam Suriname India
Liefde Jongeren
Literair Poezie Zeepkist
Gastenboek Links
Disclaimer Contact
Kritisch Podium Dewanand
Literair
Alle rechten voorbehouden; All rights reserved
Offercode: wart0201
Copyright @ Dewanand 2005
|
|