***
Slot baby Janmaat sterft op veertiende dag.
De dag was vroeg begonnen
voor het kleine gedrocht. Nu was het al laat in de avond. De hele dag
had baby Janmaat als een bezetene geschreven en geen druppeltje moedermelk
gedronken. Hij had al de hele dag geen oogje dicht gedaan en zag er
nu best vermoeid uit.
De jonge moeder had de hele
dag met een ongerust hart haar schatje geobserveerd, die continu werkte
als een zogende workaholic en al vele stapels papier had geschreven.
Zij besefte met haar Hindoebrein, dat dit kind een reïncarnatie
was van een bijzondere ziel uit het verre verleden. Juist hierom gehoorzaamde
zij de wetten van de kosmos en wachtte geduldig af wat er nu zou gebeuren.
Terwijl de klok driftig doortikte
en 12 slagen liet klinken, hoorde zij haar baby lachen in een hoek van
de kamer. Zij stopte met breien en keek opzij. Er stond een brede glimlach
op het kleine gezicht van haar rechtse gedrocht, die opeens zei met
een volwassen stem:
"Zo, ik ben klaar met
mijn karmische schrijftaak".
Hij keek naar zijn moeder
en uitte terloops met een typische Nederlandse kinderstem:
"Mama, bedankt voor alle zorg en toewijding. Nu moet ik dit lichaam
terug geven aan de aarde. Daag".
Het kereltje ging toen rustig
liggen op het grote bed en viel onmiddellijk in een diepe slaap. De
jonge moeder sprong uit haar schommelstoel en greep haar eerstgeboren
zoon beet. Het kleine lijfje was ademloos en koud. Eindeloze tranen
stroomden die avond urenlang over haar droevige, wenende gezicht.
***