Home Podium Politiek
Religie Hindoeisme
Islam Suriname India
Liefde Jongeren
Literair Poezie Zeepkist
Gastenboek Links
Disclaimer Contact
Kritisch Podium Dewanand
Literair
WEBpublication BOOK WART0166 / EPAGE 39 of 94
27. Waarom is de koe heilig?
Offeraar Dewanand
Offercode WART0166
Offerdatum 16 juni 2006
Go to Inhoudsopgave: 'Random Droomboek Jongeren'
Oorspronkelijk:
Offercode: Art068
Offerdatum: vrijdag 18 april 1997
Iedere dag wordt een mens in Nederland overspoeld door
informatie over de hele wereld. In dit informatietijdperk is het nu zo
dat veel mensen niet meer weten welke informatie zij wel en welke zij
niet moeten opnemen. Als gevolg hiervan raken mensen verward. Of zij nemen
heel veel eenzijdige informatie en kennis tot zich, waardoor zij zichzelf
vergeten. Door de overvloedige consumptie van kennis in Nederland raken
veel mensen verzadigd. Dit leidt tot effecten zoals vergeetachtigheid
en normloosheid. Mensen gaan zich dan afvragen waarom zij zich nog moeten
houden aan oude tradities en culturele gebruiken van de oude Hindoes uit
India. En zij gaan zich dan ook afvragen of zij nog Hindoe zijn en of
het niet mogelijk is om het niet meer te zijn. In dit artikel zal een
praktisch voorbeeld gegeven worden van een oude traditie van de Hindoes.
Hieronder volgt een letterlijk citaat uit een boek.
"De natuur herbergt drie dingen
die voor de mens van groot nut zijn. Het eerste is de boom, het tweede
de rivier en het derde is de koe. Zonder bomen, rivieren en koeien zou
de mensheid niet goed kunnen functioneren. Hoeveel geweld een boom ook
wordt aangedaan, hoeveel last hij ook ondervindt doordat er takken worden
afgehakt en stukken hout worden weggekapt, toch blijft de boom aan iedereen
die eronder komt schuilen, bescherming bieden tegen regen en zon. Hij
blijft proberen die persoon vreugde te geven. Omdat zij vruchten, bloemen
en brandstof verschaffen, zijn bomen altijd een weldaad geweest, hoewel
de mens hun als dank vaak schade toebracht.
Dat geldt ook voor rivieren; die
blijven de mensheid dienen, hoezeer zij ook door de mens worden vervuild
en zonder enig blijk van dankbaarheid op velerlei wijze worden gebruikt.
Al dienend blijven zij volkomen gericht op het bereiken van de oceaan,
die hun thuis is en hun einddoel. Water verschaft leven aan de mensheid.
Of je het aanwendt ten goede of ten kwade interesseert het water niet;
het blijft zijn dienende functie vervullen.
Dan zijn er de koeien die melk
onthouden aan hun eigen kalveren om die aan de mens te geven. Hun melk,
die zo'n uitstekend versterkend voedingsmiddel is, delen zij vrijelijk
uit aan de mensen. Hoeveel moeilijkheden je de koe ook laat ondergaan,
zij geeft je altijd zoete melk, nooit bittere. Koeien zijn dus altijd
goed voor de mens geweest, terwijl de mens het deze dieren vaak moeilijk
heeft gemaakt.
Boom, rivier en koe zijn alle drie
een goed voorbeeld van verdraagzaamheid." (Pagina 247)
Dit citaat is afkomstig uit het boek, getiteld: "Sai Baba over de
Bhagavad-gita". Het is uitgegeven in 1993 en bevat de gehele inhoud
van 34 voordrachten die Sri Sathya Sai Baba hield in 1984. Sai Baba wordt
nu door vele Hindoes en (blanke) Sai-devotees in het Westen (ongeveer
70 miljoen) gezien als de avatar van Kali Yuga. Of dit waar of onwaar
is moet de lezer(es) zelf beoordelen. In dit citaat wordt uitgelegd hoe
verdraagzaam de koe niet is. Geen enkel mens zal voedsel dat voor hsijn
eigen kinderen bestemd is, geven aan ondankbare vreemdelingen. Maar een
koe doet dat wel. Nu pas begrijp ik waarom Hindoes (mijn hoog ontwikkelde
en zeer beschaafde voorouders) al vele millennia geleden de koe tot een
heilig dier hebben verklaard.
Vanwege de nobelheid en de verdraagzaamheid van dit bijzondere dier.
En deze eigenschap geldt nog steeds. Ondanks de technologische vooruitgang
is het niet mogelijk om langs chemische weg melk te maken. Er zijn wel
(chemisch)technologen en wetenschappers die proeven doen om langs chemische
weg, direct melk te maken uit gras, maar het is hen nog niet gelukt, en
het zal hen waarschijnlijk ook nooit lukken. Melk is namelijk een van
de ingewikkeldste producten van een vrouwelijk levend wezen.
In de Bhagavad-gita zijn er ook enkele verzen die iets
vertellen over koeien. Hier volgen ze.
Bhagavad-gita, vers 5.17
Wanneer verstand, geest, geloof en toevlucht alle samenkomen in de Allerhoogste,
wordt men door volkomen kennis geheel gereinigd van angst en twijfel
en gaat men snel vooruit op de weg der bevrijding.
Bhagavad-gita, vers 5.18
Door zijn WERKELIJKE KENNIS ziet de nederige wijze met gelijkgezinde
blik: een geleerde en zachtmoedige brahmana, een koe, een olifant, een
hond en een hondenvleeseter (paria).
Bhagavad-gita, vers 10.28
Van alle wapens ben ik de bliksemschicht; onder koeien ben Ik de surabhi's,
die overvloedig melk geven. Van de verwekkers ben Ik kandarpa, de liefdesgod,
en van alle slangen ben Ik Vasuki, de belangrijkste.
(Toevoeging van betekenis
van dit vers:
De bliksemschicht, die stellig een geducht wapen is, is een blijk van
Krishna's macht. In Krishnaloka in de geestelijke hemel zijn er koeien
die op ieder gewenst ogenblik gemolken kunnen worden en die zo veel
melk geven als men maar hebben wil. Zulke koeien bestaan er uiteraard
niet in de stoffelijke wereld, maar in Krishnaloka kent men ze wel.
De Heer houdt tal van zulke koeien, die surabhi worden genoemd. Kandarpa
is het seksueel verlangen dat tot de geboorte van goede zoons moge leiden;
daarom vertegenwoordigt Kandarpa hierin Krishna. Soms houdt men zich
alleen uit zinsbevrediging met seksualiteit bezig; deze vorm van seksualiteit
vertegenwoordigt Krishna niet. Maar geslachtsleven voor het verwekken
van goede kinderen wordt Kandarpa genoemd en vertegenwoordigt Krishna.)
Bhagavad-gita, vers 14.16
Door te handelen in de geaardheid goedheid raakt men gelouterd. Werk
dat men doet in de geaardheid hartstocht leidt tot verdriet, en activiteiten
in de geaardheid onwetendheid leiden tot dwaasheid.
Uit bijbehorende tekst
met uitleg. Vedische gebed:
"O Heer, U bent de koeien en de brahmana's welgezind en ook de
gehele menselijke samenleving en de gehele wereld."
In de inleiding van de Bhagavad-gita-zoals-ze-is staat er iets opmerkelijks
over koeien. Hieronder een citaat ervan.
"In het huidige tijdperk wordt
de mensheid zo door wereldse bezigheden in beslag genomen, dat men onmogelijk
alle Vedische werken kan lezen. Maar dat is ook niet nodig. Dit ene boek,
de Bhagavad-gita, is al genoeg, omdat het de essentie is van alle Vedische
literatuur en omdat het gesproken wordt door de Allerhoogste Persoonlijkheid
Gods. Men zegt dat degeen die water van de Ganges drinkt beslist gered
zal worden, maar wat moeten we dan zeggen van iemand die van het water
van de Bhagavad-gita drinkt? De Gita is de nectar van het Mahabharata,
dat gesproken wordt door Vishnu Zelf, want Heer Krishna is de oorspronkelijke
Vishnu. De Gita is nectar die uit de mond van de Allerhoogste Persoonlijkheid
Gods tevoorschijn welt, terwijl de Ganges ontspruit aan de lotusvoeten
van de Heer, zoals men zegt. Er bestaat uiteraard geen verschil tussen
de mond en de voeten van de Allerhoogste Heer, maar in onze omstandigheden
zijn we geneigd de Bhagavad-gita belangrijker te vinden dan de Ganges.
We kunnen de Bhagavad-gita vergelijken
met een koe, en Heer Krishna, die een koeherdersjongen is, melkt deze
koe. De melk is de essentie van de Veda's, en Arjuna is te vergelijken
met een kalf. Schrandere lieden, grote wijzen en zuivere toegewijden moeten
allemaal deze nectarmelk van de Bhagavad-gita drinken."
In dit laatste citaat wordt er een metaforische vergelijking gemaakt
tussen de Bhagavad-gita en een koe. Als dit wordt gedaan dan is het duidelijk
dat een koe heel heilig is, net als de Bhagavad-gita zelf. De Bhagavad-gita
betekent letterlijk: "lied van God".
Een vrouw kan een pasgeboren baby slechts gedurende enkele
maanden van melk voorzien. Daarna moet die baby vaak melk van een
koe drinken om verder te kunnen groeien. Dit betekent dat de koe ook meedoet
aan de verzorging van een menselijke baby, en hierdoor dus gezien wordt
als een symbool van moederlijkheid. Dit is nog een reden om de koe als
heilig te beschouwen. Het zijn altijd
vrouwen geweest die als eersten meemaakten hoe de koe hun weerloze baby's
in leven hield met koeienmelk. Hierom geloof ik dat het Hindoe-vrouwen
zijn geweest die als eersten de koe als heilig beschouwden. En ik geef
hun ook groot gelijk.
Tegenwoordig kennen veel Hindoestanen
hun eigen leefregels, normen, waarden, principes en tradities niet meer.
Dat is heel jammer. Voor veel buitenstaanders, onwetenden en Hindoes
zelf is het vaak een raadsel waarom Hindoestanen geen koeienvlees eten.
Er zijn zelfs mensen die denken dat iedereen
die geen rundvlees eet een Hindoe moet zijn. Maar het is niet
alleen de daad die iemand tot iets maakt. Achter iedere daad zit vrijwel
altijd eerst een gedachte. Dit vergeten mensen tegenwoordig. De gedachte
achter het niet eten van rundvlees is wel heel vergezocht. Het is gebaseerd
op een religieuze-filosofie van minstens 10.000 jaar. Ik vind dat deze
gedachte heel goed beargumenteerd is. Sedert ik het boek van Sai Baba
heb gelezen, begrijp ik beter wat het Hindoeïsme in houdt en wat
een Hindoeïstische denk- en leefwijze inhouden.
Ook in Nederland zijn er koeien, die iedere dag melk moeten geven, ten
koste van hun eigen kalveren. Een koe moet ieder jaar een kalf baren,
zodat het daarna iedere dag melk kan produceren. Tegenwoordig worden de
kalveren in Nederland heel slecht behandeld. Men stopt ze in kisten en
vermoordt ze zodra ze groot zijn. Maar het wonderbaarlijke is dat de koeien
niet kwaad worden hierom. Zij blijven de moordenaars van hun kinderen
trouw van melk voorzien. Mensen die koeienvlees eten tonen, op een bepaalde
manier, aan dat zij zeer gewetenloos en ondankbaar zijn. Hindoestanen
tonen echter dankbaarheid en respect voor de koe, die zichzelf vele millennia
lang heeft opgeofferd. Daarom is de koe voor Hindoes al vele millennia
een bijzonder en bovenal heilig dier, dat door niemand gedood en geconsumeerd
mag worden.
Geraadpleegde literatuur:
1. Sri Sathya Sai Baba, Sai Baba over de Bhagavad-gita, Deventer, Uitgeverij
Ankh-Hermes bv, cop.1988, tweede druk 1993, 380 pag.
2. His Divine Grace A.C. Bhaktivedanta Swami Prabhupada, De Bhagavad-Gita
zoals-ze-is, Amsterdam, The Bhaktivedanta Book Trust, cop. 1981, derde
druk 1986, 1027
3. Ed. Viswanathan, Am I a Hindu?, San Francisco, Halo Books 1992, 321
pag.
***
Go to Inhoudsopgave: 'Random Droomboek Jongeren'
WEBpublication BOOK WART0166 / EPAGE 39 of 94
Home Podium Politiek
Religie Hindoeisme
Islam Suriname India
Liefde Jongeren
Literair Poezie Zeepkist
Gastenboek Links
Disclaimer Contact
Kritisch Podium Dewanand
Literair
Alle rechten voorbehouden; All rights reserved
Offercode: WART0166
Copyright @ Dewanand 2006
|